pagina 8 zomer 1999

1772 1773 1774 1775 1776 1777 Tabel 1 121adingeneikenhout, f 6989. 15 ladingen eikenhout, f 10240. 9 ladingen eikenhout, f 6333. 10 ladingen eikenhout, / 6604. 8 ladingen eikenhout, / 6012. 12 ladingen eikenhout, f 7462. 1780 1781 1782 1783 1784 1785 1786 1787 1788 1789 * slechts Tabel 2 inkomsten 8977.05.08 26196.17.06 5562.04.08 1770.—.08 448.06. – 2656.04.- 374.07. – 1483.14.08 1978.04.02 1121.11.16 het tweede halfjaar is uitgaven 6988.19.- 21992.19.- 3489.18.06 1065.07.08 5948.15.04 8918.10.— 41.-.- 159.—.12 1552.02.08 1226.16.16 bekend. resultaat 1988.06.08* 4203.18.06 2072.06.02 704.13.– 5500.09.04 verl. 6262.06.- verl. 333.07.- 1324.13.16 426.01.14 105.05.- Zaag- en pellonen. bruto inkomsten 1781 1060.15.04 1782 1109.15.06 1783 1149.18.06 1784 1074.07.04 1785 1204.16.- 1786 1210.12.14 1787 1124.07.08 1788 1022.15.14 1789 980.07.12 1790 1225.14.02 1791 581.17.10 1792 1215.03.02 1793 1093.19.14 1794 1181.08.06 1795 892.09.08 1796 1141.18.14 Tabel 3 netto resultaat 358.03.04 98.02.14 279.01.- 239.19.14 369.10.12 367.13.02 296.01.08 195.15.10 178.06.04 362.17.08 117.18.06 verl. 479.09.- 237.03.14 499.02.14 115.10.06 423.09.14 1798 1799 1800 1801 1802 1803 1804 1805 1806 1807 1808 1809 1810 1811 1812 Tabel 4 winst uit hout 1150.10.06 1140.18.01 973.04.07 2370.16.06 2623.08.- 1173.19.02 551.07. – 1327.13.12 796.10.06 1704.07.12 258.13.- 151.05.– 187.07. – 173.11.08 143.18.14 verdiensten 2607.02.- 2300.10.02 2809.06.10 2707.15.12 2690.06.10 2485.07.12 2333.19.14 2206.11.14 2575.07.12 1731.13.14 1737.11.04 1991.01.14 1471.12.08 1675.02.10 1431.09.06 molen nu werkelijk financieel opleverde, zijn uit de memo- rialen (H.A.T. 5846) de gegevens in tabel 2 te berekenen. Opvallend is de sterke daling aan inkomsten. Zelfs met grote verliezen in de jaren 1784 -1785. De winst in dejaren daarna is maar van korte duur. Naar de oorzaak kunnen we slechts gissen en het is daarbij ook nog de vraag hoe betrouwbaar deze gegevens zijn. Administrateur (rent- meester) Westerloo bleek namelijk niet de juiste persoon voor de positie die hij bekleedde. Dit blijkt uit de maatre- gelen die de graaf in 1798 neemt. Westerloo was ruim 16 jaar in dienst van Twickel geweest, maar had als admini ­ strateur en beheerder ’nimmer behoorlijke Reekening gedaan. Bij nauwkeurigonderzoek van de moeijlijkheiden bijna onmoogelijkheid om deeze Reekening uijttewerken heeft ondergeteekende goed gevonden te constitueeren en magtig te maaken J.C. Brill gelijk dezelve doet kragt dee- zes, en na zijn best vermoogen dien verwarden Boedel aan te tasten, zooveel moogelijk teredden, schulden teinnen daarvoor te quiteeren, alle middelen Rechtens naaver- eijscht te gebruijken’: aldus de Graaf Van Wassenaer (H.A.T. 5850). Rentmeester Brill krijgt dus de opdracht om de ver- waarloosde zaak weer op poten te zetten en Ten Zeldam was net daarvoor als nieuwe molenbaas aangesteld. Ken- nelijk heeft Brill heeft de zaak flink aangepakt, want er is een dik pak afschriften van rekeningen bewaard gebleven die na onderzoek door hem werden verzonden. Ook is er een lijst met namen van degenen die op 14november 1800 nog steeds niet hebben betaald. Interessant uit de beginperiode is nog, dat de inkomsten uit zaag- en pellonen steeds apart worden vermeld (H.A.T. 5849). Uit de opmerkingen die daarbij worden gemaakt, kunnen we opmaken, dat van deze bruto-inkomsten nog moeten worden afgetrokken diverse uitgaven als adminis- tratiekosten en het zaagloon voor hout dat voor eigen Twickelbedrijven werd berekend. De resultaten staan in tabel 3. Verbetering Vanaf 1800 zijn er weer wat meer gegevens bekend. Zo is er een overzicht van de inkomsten en uitgaven van de molen tot 1822 (H.A.T. 5849). Deze inkomsten betreffen in dit geval bedragen die de zaagmolen aan T wickel betaal- de voor geleverd hout. Het zijn dus geen inkomsten van de zaagmolen! Het gaat om hout dat nodig was voor eigen bedrijven. Ook is er uit die tijd veel bewaard gebleven over zaag- en pellonen en vinden we staten van afrekening tus- sen molenbaas Ten Zeldam en de rentmeester (H.A.T. 5851 -5855). Wanneer we al deze gegevens vergelijken blijkt echter steeds weer, dat uit de wirwar van getallen moeilijk een gedegen conclusie is te trekken. Van belang is daarom wel het totaaloverzicht dat H.A.T. 5852 geeft. Zie tabel 4. Waarschijnlijk geeft de laatste kolom de totale verdien ­ sten weer, dus inclusief zaag- en pellonen. Verder geven deze stukken enig inzicht over de houtaankoop. Zie tabel 5. Duidelijk is dat het meeste hout elders werd gekocht. Vanaf 1812 zijn van enkele jaren alleen de opbrengsten van zaag- en pellonen bekend. Deze waren erg wisselend en lagen per jaar tussen f 13,—(1824) en f 736,—(1817). Uit de rentmeestersrekeningen uit die tijd komen we alleen te weten, dat Ten Zeldam soms hout uit de Twickelse bos- sen koopt en dat Twickel vrijwel jaarlijks enkele honder-