pagina 8 voorjaar 2011

Twickel ontwikkel! Het geheel is meer dan de som der delen. Dat geldt zeker voor Twickel. Het landgoed is een samensmelting van functies die zich door de eeuwen heeft ontwikkeld tot iets dat wij alien in hoge mate waarderen. Om maar een hippe uitdrukking te gebruiken: het landgoed heeft ruimtelijke kwaliteit. Hierbij gaat het om architectonische en landschappelijke hoogstandjes, maar ook om de logische wijze waarop de verschillende functies in de loop der eeuwen op elkaar zijn afgestemd: wonen, werken, landbouw, bosbouw, natuur, water, recreatie. Als watergraaf maak ik mij natuurlijk het meest druk om het water, maar ik weet als geen ander dat het water onlosmakelijk is verbonden met al die andere functies. Het water maakt natuur en landbouw mogelijk en is aantrekkelijk om langs te recreeren. Omgekeerd zijn landbouw, natuur en recre ­ atie medebepalend voor de kwaliteit en kwantiteit van het water. Als waterschap streven wij naar het combineren dan wel stapelen van functies. Aangezien de land- goederen al van oudsher daarmee bezig zijn kunnen we als waterschap wat dit betreft zeker van ze leren. Hierin zijn we de afgelo- pen tien jaar ook naar elkaar toe gegroeid. Waar we in het verleden nog dikwijls onze eigen belangen benadrukten, tekent zich nu vooral een gezamenlijke inzet af. Denk bijvoorbeeld aan het project Boeren voor Natuur of aan het Pact van Twickel. De laatste tijd is echter duidelijk geworden dat er grote en kleine stoorzenders zijn die het broze evenwicht tussen de verschillende functies proberen te verstoren. Een grote stoorzender is het klimaat dat er voor gaat zorgen dat er drogere zomers en nattere winters komen en daarnaast ook nog hoge neerslagpieken, zoals we in augustus 2010 hebben meegemaakt. Een kleinere stoor ­ zender is de herijking EHS, waardoor de budgetten voor natuurontwikkeling voor- lopig zijn bevroren. Landgoederen hebben echter bewezen dat zij prima kunnen omgaan met dergelijke wisselende omstandigheden, juist omdat ze zoveel verschillende functies herbergen. Er waren tijden waarin de landbouw en de bosbouw veel inkomsten opleverden. De laatste jaren bracht ook de natuur geld in het laatje. Van de i4e eeuw is bekend dat dit een periode was met veel neerslag. Mede daarom zijn er toen zoveel watermolens langs de Twentse beken ontstaan. Mis- schien zijn water en recreatie wel de functies die in de toekomst voor extra inkomsten moeten zorgen. Wat dat betreft kun je een landgoed ook vergelijken met de aandelen- beurs. juist door je aandelenportefeuille goed te spreiden loop je het minste risico. Terug naar de stoorzender klimaat. Hoe kunnen landgoederen daar mee omgaan? je kunt denken aan landgoederen als klimaat- buffers. Daarmee bedoel ik dat landgoede ­ ren de plekken kunnen zijn waar water wordt vastgehouden, de waterkwaliteit wordt verbeterd en natuur en landschap zich ontwikkelen en aanpassen aan nieuwe klimatologische omstandigheden. Plant- en diersoorten kunnen zich vanuit de land ­ goederen verspreiden langs ecologisch in- gerichte beken en waterlopen. Een dergelijke functie als klimaatbuffer kan mogelijk ook weer extra inkomsten opleveren voor het landgoed. Op deze wijze maak je van een bedreiging een kans. Op een vergelijkbare wijze zien we inmid- dels dat de Europese Kaderrichtlijn Water niet een bedreiging hoeft te zijn, maar juist kansen biedt. Een mooi voorbeeld is de Hagmolenbeek. Deze richtlijn zegt dat voor de Hagmolenbeek een meer natuurlijk karakter wenselijk is. Dit wordt mogelijk gemaakt door het uitplaatsen van enkele agrariers. Hierdoor kunnen vrijkomende lage gronden langs de beek geruild worden voor natuur en water en de hogere essen toegedeeld worden aan de resterende agra ­ riers. Op deze wijze profiteren zowel land ­ bouw, natuur en water hiervan en wordt de vitaliteit van het totale landgoed versterkt. In feite moet het landgoed doorgaan met wat ze al eeuwen succesvol doet, namelijk landschappelijke diversiteit creeren met de rentmeester in de rol van regisseur. Maar laat ook toe dat het landgoed zich aanpast aan nieuwe ontwikkelingen. Niet een statisch landgoed, maar een landgoed dat zich aanpast aan de dynamiek van de om- geving en de tijd. Dat is vitaliteit. Stefan Kuks watergraaf van het waterschap Regge en Dinkel