pagina 8 najaar 2012

Marc van Weede. Duurzaam duurz Op dit ogenblik verbruiken wij met zeven miljard mensem jaarlijks wat circa anderhalve planeet duurzaam kan voortbrengen of verwerken. De prognose is dat we in 2050 bij ongewijzigd handelen met negen miljard mensen op aarde ongeveer twee en een halve planeet nodig zullen hebben. Omdat we maar een aarde hebben moeten we actief op zoek naar manieren om efficienter, en waar mogelijk in gesloten kringlopen, met natuurlijke hulpbronnen om te gaan. Ook in het bedrijfsleven neemt de belang- stelling voor duurzaamheid toe. Hier ligt vaak zorg over de toegang tot grondstoffen of optimisme over nieuwe ondernemings- kansen aan ten grondslag. Duurzaamheid, soms ook aangeduid als maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO), staat enorm in de belangstelling. Zelf werd ik twee jaar geleden gevraagd binnen AEGON de verantwoordelijkheid voor MVO op me te nemen en samen met onze Raad van Bestuur verdere invulling te geven aan duurzaamheid bij AEGON. Ik houd me bezig met MVO-onderwerpen zo- als onze zorgplicht voor klanten, op een verantwoorde manier beleggen en onze bredere maatschappelijke bijdrage door bijvoorbeeld sponsoring of vrijwilligers- werk. Door dagelijks hiermee bezig te zijn ben ik ook meer gaan nadenken over mijn eigen invulling van duurzaamheid (nog veel te weinig vrees ik) en die bij andere organisaties waar ik mee verbonden ben, zoals Twickel. Volgens het woordenboek betekent duur ­ zaam lang blijft bestaan of een lange levensduur’. Op basis van deze defi- nitie is Twickel, met een geschiedenis die gedocumenteerd teruggaat tot de veertien- de eeuw, heel erg duurzaam. Bij bedrijven wordt meestal naar een bredere definitie van duurzaamheid gekeken, vaak met behulp van de drie P’s van Planet, People en Profit, ofwel de zogenaamde ‘Triple Bottom Line’, het drievoudig resultaat van een onderneming. Hoe duurzaam is Twickel eigenlijk op basis van de drie P’s? Planet. Twickel beheert zijn bossen duur ­ zaam met FSC keurmerk, grote delen van Twickels grondgebied worden als natuur- gebied beschermd, en ook levert Twickel ‘blauwe diensten’, zoals waterretentie. De landbouw op Twickel is overwegend gang- baar, met maar een enkel biologisch bedrijf. Een dilemma voorde planeet: bio- logische landbouw is duurzamer, maar de opbrengsten zijn lager en het is onzeker of we met alleen biologische landbouw negen miljard mensen zullen kunnen voeden. Een duurzame planeet vraagt daarom ook om een verandering van voedselpatronen: minder vlees en zuivel, meer granen en groenten. Een dilemma voor Twickel op de langere termijn omdat melkveehouderij de belangrijkste economische pijler van het landgoed is en ook het type landbouw dat hier over het algemeen het beste gedijt. People. Twickel heeft een lange traditie van sociaal beleid ten opzichte van eigen medewerkers, pachters en de gemeen- schap rond de landgoederen. De verhou- dingen zijn minder paternalistisch gewor- den, maar gemeenschapszin staat nog steeds hoog in het vaandel. De Stichting probeert goed rekening te houden met de vele ‘stakeholders’; van mountainbikers tot vogelaars tot de ondernemers met een pachtbedrijf en de soms conflicterende belangen. Profit. Een (landgoed)bedrijf kan niet duur ­ zaam zijn als het niet ook winstgevend is. Door de eeuwen exploiteerden generaties Twickelo’s, Raesfelts, Wassenaers en Heec- kerens hun landgoederen op een winst- gevende wijze met de opbrengsten van pacht, bos en eigen landbouw. Ze toonden vaak ondernemerschap, denk bijvoorbeeld aan het laten aanleggen van de Twickler- vaart. Een aanvullende bron van inkom- sten waren soms de huwelijken met rijke erfdochters. Met de overgang naar de stichtingsvorm werd deze bron afgesloten, maar nog altijd is er een gezonde financi- ele basis en exploitatie. Alle elementen voor duurzaamheid lijken daarom aanwezig, maar de belangrijkste is nog niet genoemd: flexibiliteit. Een duur ­ zame onderneming heeft oog voor de veranderde economische, sociale en tech- nologische omstandigheden en speelt daar op in om stand te houden. De opdracht van Twickels wapenspreuk Mutando Non Mutor – veranderend verander ik niet – blijft daarmee zeer actueel en een goede leidraad voor mij als medebestuurder van de Stichting. Marc van Weede Lid College van Regenten Stichting Twickel Hoofd Duurzaamheid van AECON NV