pagina 8 lente 1995

Twickel steekt gunstig af bij de omringende gemeen- ten: zo kent Ambt Delden in 1994 een gemiddelde fosfaat- productie van 284 kg, Borne 171 kg en Hengelo 138 kg. Het contrast wordt nog groter wanneer men het Twickelgebied uit de gemeentelijke gemiddelden zou halen. De EG heeft in 1991 een nitraatrichtlijn voorgesteld. Deze geeft voor kwetsbare gebieden zoals Twente een maximum aan van 170 kg N/ha vanaf het jaar 2000. Evenals voor de fosfaat geldt dit maximum alleen voor dierlijke mest. Het gebruik van kunstmest waar dezelfde elementen in voorkomen wordt niet aan maxima gebon- den. De nitraatproductie op Twickel bedroeg in 1994 361 kg N/ha. In2000zal dezegedaald zijntot317 (scenario 1), 260 (scenario 2) en 216 (scenario 3). In alle gevallen blijft er dus een overschot bestaan. Ook in dit geval is de situatie in de omringende gemeenten een stuk problematischer. Ammoniak Ammoniak (NH3) afkomstig uit dierlijke mest wordt gezien als een van de belangrijkste veroorzakers van ver- zuring van bossen en natuurterreinen. Ammoniak is een vluchtige stof die vrijkomt door ventilatie van stallen, van- uit de mestopslag, bij het uitrijden van de mest en bij de beweiding. Door het verplichten van mestinjectie en afdekking van mestopslag is al een flinke reductie van de ammoniakemissie bereikt. Door invoering van een ander staltype (Groen Label-stallen) is ook daareen flinke reduc ­ tie mogelijk. Groen Label-stallen zijn echter kostbaar en (nog) niet verplicht aangezien de effectiviteit ervan nog onzeker is. Het overheidsbeleid streeft op lange termijn naar een vermindering van de depositie van alle verzuren- de stoffen tot een niveau waarbij geen schade meer optreedt. Men neemt aan dat dit het geval is bij 400-700 mol H+/ha per jaar. Er is dan nog een lange weg te gaan aangezien de depositie thans nog rond de 4000 mol H+/ha per jaar ligt. In gebieden met veel veehouderij ligt dit cijfer nog aanmerkelijk hoger. Om deze enorme verlaging te bereiken worden ook in andere sectoren maatregelen getroffen (industrie, transport). Aangezien veel verzuren- de stoffen zich over grote afstanden verspreiden zullen ook in het buitenland maatregelen nodig zijn. Voor de veehouderij wenst de rijksoverheid een reduc ­ tie van de ammoniak emissie ten opzichte van 1980. Deze reductie loopt op van 30% voor 1994 tot 50-70% voor 2000 en 70-90% voor 2010. Het hoge percentage geldt dan voor de concentratiegebieden, waar de veedichtheid het hoogst is. Uit de berekeningen blijkt dat de ammoniakemissie vanuit de agrarische bedrijven op het landgoed sinds 1980 met 44% gedaald is. Dit ligt ruimschoots binnen de hier- boven genoemde doelstelling van 30% In het jaar 2000 zal deze reductie zijn toegenomen tot 68% (scenario 1), 75% (scenario 2) en 78% (scenario 3). Hiermee is dan ook vol- daan aan de doelstelling voor dat jaar. Hierbij is dan wel rekening gehouden met een gedeeltelijke introductie van Groen Label-stallen. Gebeurt dit niet, dan komen de reduc- tiepercentages 7% lager uit. Ook in dat geval is de situatie op het landgoed gunstiger dan in de omringende gemeenten. Berekend is dat in 1994 de ammoniakemissie in Ambt Delden 240 kg/ha was; voor Borne en Hengelo was dit 138en 113 kg. Twickel zathier met 72 kg ruim onder. Conclusies * Door bedrijfsbeeindiging en herverdeling van vrijgeko- men pachtgronden is sinds 1980 een behoorlijke verbe- tering van de landbouwstructuur op het landgoed opge- treden; hierbij is het belang van de intensieve veehouderij afgenomen, terwijl buiten het landgoed deze tak nog flink groeide. * Door de lagere veebezetting kent het landgoed als geheel thans geen mestoverschot; ook bij het aanscherpen van de bemestingsnormen zijn er mogelijkheden een mesto ­ verschot te voorkomen. * De ammoniakemissie vanuit de Twickelbedrijven is sinds 1980 al met 44% afgenomen. Een verdere reductie tot 70% in het jaar 2000 lijkt haalbaar. Hiermee kan aan de overheidsnormen voldaan worden. * Om deze afname van de milieubelasting te bereiken moet de veebezetting tot het jaar 2000 nog met minimaal 10 – 20% verminderd worden. Ook zijn er maatregelen aan stallen nodig. Dit vergt nog een flinke inspanning. * Dit is een samenvatting van het milieurapport, opgesteld door de Heidemij. De grondgebonden veehouderij heeft op Twickel de beste kansen. Foto: O.L.M., Zwolle.