pagina 7 winter 1999

Gehuwde vrouw 4k 3m. if u* j ttt* iJ de plaats om te zien en gezien te worden. Comelie maakte veel buitenlandse reizen, samen met haar stiefmoeder. De grote steden zoals Brussel en Parijs werden bezocht om met name theaters en musea te bezoe- ken en om te winkelen. De reis naar Rusland – St.Peters- burg – was voor Comelie een ware beproeving vanwege haar gezondheid en de slechte toestand van de wegen in Europa. Door toedoen van stiefmoeder Sophia, die door prinses Anna Paulowna was uitgenodigd om haar te bege- leiden, mocht Comelie ook mee. Na de Russische reis in 1825, kregen Comelie en Sophia een officiele aanstelling als hofdame en grootmeesteres. Hoogstwaarschijnlijk hadden de dames tijdens de reis hun proeve van bekwaam- heid goed doorstaan. Ondanks haar vele reizen en wisse- ling van woonplaats werd Comelie voorbereid op haar toe- komstige taak. Jacob Derk Carel (Charles) Van Heeckeren van Kell huwdein 1831 met Comelie. In het huwelijkscontract was bepaald dat het jonge echtpaar in gemeenschap van goede- ren trouwde. Een contract met een dergelijk artikel was in die tijd zeer ongebruikelijk. Nog pikanter was het gegeven dat Charles bijna niets aan geld en goederen inbracht. Ondanks dat haar huwelijk was gearrangeerd, ontwikkel- de zich een diepe genegenheid tussen beide echtelieden. De basis voor die genegenheid lag in hun gezamenlijke toewijding aan Twickel. Comelie handelde als gehuwde vrouw, zoals het hoorde in haar tijd. Voor haar uitgaven, zowel op zakelijk als op persoonlijk gebied vroeg zij altijd toestemming of goedkeuring achteraf. Comelie had een hechte band met de familie Van Heeckeren. Als gehuwde vrouw bleef Cornelie die situatie bestendigen en zij koos telkens weer voor een harmonieuze relatie met haar stief ­ moeder. Na de Franse tijd brak er voor de adel een bloeiperiode aan. Koning Willem I had politieke motieven om zich met adel te omringen en het Hof gaf weer cultured de toon aan. De huizen, buitenplaatsen en kleding werden kenmerken- de aspecten van de levensstijl van de adel. Geheel naar de mode van die tijd werden hun huizen gerenoveerd en bui- tenhuizen verfraaid door de aanleg van siertuinen en par- ken. Vanaf 1831 ging er met huis Twickel en zijn omgeving ook van alles gebeuren. Het kasteel werd gerenoveerd, het park kreeg een nieuw aanzien en de boomgaard werd ver- groot. Een tweede aanpak volgde tussen 1845 – 1848. De woontoren voor gravin Corndie werd gebouwd en stuc- plafonds werden aangebracht of verfraaid. Van oudsher had Twickel de armenzorg als een van haar taken gezien. Vanaf de achttiende eeuw had Twickel een Armenfonds, waaruit ingezetenen van Delden steun ont- vingen. Naast die gestmctureerde armenzorg, vulde Comelie op haar eigen wijze de zorg in voor de armen. De familie Van Wasenaer Obdam hechtte veel waarde aan onderwijs voor kinderen van de pachters. Comelie zette die traditie voort. Zij steunde het onderwijs door financie- le bijdragen en door jaarlijks een school te bezoeken en prijzen uit te reiken aan de kinderen. Zij had goede contac- ten met personeel en pachters. Als pachters en hun gezin- nen in moeilijkheden kwamen, bezocht zij hen thuis en indien nodig gaf zij geld en kleding. Comelie heeft in haar huwelijk geen kinderen gekregen. Die kinderloosheid betreurde zij, maar zij vond dat ze aan deze ‘beproeving van God’, niet te zwaar mocht tillen. Comelie leed natuurlijk onder dat gemis, maar zij vond mogelijkheden om haar kinderloosheid om te zetten in zorg voor arme en gebrekkige mensen. Het gemis zelf werd daarmee niet goed gemaakt, maar het gaf haar veel troost. Bronnen: Kuiper, Y,,Adel in Friesland 1780-1880 (Groningen 1993) Wijsenbeek-Olthuis, T., e.a., Het Lange Voorhout. Monumenten, Mensen en Macht (Zwolle/Den Haag 1998) Zwaan, T., e.a., Familie, huwelijk en gezin in West-Europa., Van mid- deleeuwen tot modeme tijd (Amsterdam/Heerlen 1997) Huisarchief Twickel, Stukken van persoonlijke aard van Marie Comelie van Wassenaer Obdam.