pagina 7 herfst 1993

Met behulp van een speciale machine en met meststoffen zal worden getracht om de kwaliteit van de groeiplaats te verbeteren. Op deze manier wit de Stichting Twickel ook bomen met een matige tot slechte vitaliteit behouden. Laanbeeld wordt teruggehaald Herstelplan voor bomen Twickelerlaan Een van de meest markante en oudste landschappelijke ele- menten op Twickel is de Twickelerlaan. Op kaarten uit de achttiende eeuw staat deze laan al aangegeven. Lopend vanaf het erve Hellecate, langs het kasteel tot aan de Hengelosestraat moest de Twickelerlaan de grootheid van de heren van Twickel onderstrepen. Om dit markante element te behouden en te zorgen dat ook de na ons komende generaties van een prachtige laan kunnen blijven genieten is een her ­ stelplan opgesteld. Hoofddoel is het behoud van de laan als belangrijk onderdeel van het cultuur- en natuurmonument Twickel. Daarbij worden al te rigoureuze ingrepen verme- den. Met de uitvoering wordt dit najaar begonnen. Hans Gierveld In eerste instantie zijn de aanwezige waarden van de laan bekeken en zijn de vragen: hoe gaaf is het laanbeeld, welke natuurwaarden zijn er, hoe is de vitaliteit van de bomen, beantwoord. Vervolgens zijn de wensen voor de laan geformuleerd. Door de wensen en de huidige waarden naast elkaar te zetten werd het mogelijk de te nemenmaat- regelen vast te stellen. Uit een inventarisatie bleek dat, hoewel de laan lang niet overal compleet is, het laanbeeld op veel plaatsen nog redelijk tot goed is. Slecht is het laan ­ beeld ten zuiden van de Bomsestraat, ten zuiden van de zandweg naar de Noordmolen en bij erve Hellecate. Verder bleek dat het laanbeeld op veel plaatsen verstoord wordt door de ondergroei die zich heeft weten te vestigen tussen de bomen. Vitaliteit De natuurwaarden zijn bijna overal hoog. Dit is inherent aan de hoge leeftijd van de eiken. Met name in het zuide- lijkste deel van de laan en van de Bomsestraat tot erve Ottenhof zijn hoge natuurwaarden te vinden. De vitaliteit van de bomen is matig tot redelijk te noemen met inciden- teel een slecht exemplaar. In 1993 is de bladbezetting door insektenvraat van enkele eiken slecht te noemen. De ana ­ lyse van de blad- en grondmonsters leerde dat de zuurgraad (Ph) van de bodem te laag is evenals het gehalte aan mag ­ nesium en kalium. Door de lage zuurgraad komt er veel aluminium in de bodem vrij. Dit is giftig voor de wortels en het gaat een goede doorworteling tegen. Ook wordt hier- door veel fosfaat gebonden waardoor dit niet meer ten goede komt aan de bomen. Daamaast werd vastgesteld dat