pagina 6 lente 1995

Achter de tafel, van links naar rechts: H. Gierveld, adjunct-rentmeester van Twickel, A. de Boer, provincie Overijssel, P. Meeuwissen van de Heidemij, A. Horstman, voorzitter pachterscommissie, E. Rolevink van milieudefensie en rentmeester A. Schimmelpenninck van Twickel. Nieuw milieuonderzoek van Heidemij toont aan: Twickelpachter boert al milieuvriendelijk Het landgoed Twickel ligt in een gebied met een hoge veebe- zetting; de helft van het landgoed ligt in de gemeente Ambt Delden waar de veedichtheid het hoogste is van de hele pro ­ vincie Overijssel. Veel vee leidt tot een hoge ammoniakuit- stoot; dit bevordert de verzuring van de bossen en natuurter- reinen van het landgoed. Bovendien zijn er door de hoge veebezetting mestoverschotten ontstaan met het gevaar van uitspoeling van fosfaten en nitraten naar het grond- en opper- vlaktewater *. Verspreid over het landgoed liggen 73 agrarische bedrij ven waarvan de veebezetting per ha aanzienlijk lager is dan van de bedrijven buiten het landgoed. Toch werden enkele pachtbedrijven in de afgelopen jaren opgeschrikt door akties van Milieudefensie die tot doel hadden de ammoniakuitstoot nabij bossen en natuurgebieden terug te brengen. Deze akties zouden er toe kunnen leiden dat pachters van Twickel hun bedrijf moeten inkrimpen of zelfs stopzetten, een ontwikkeling die niet alleen de pach- terscommissie maar ook het stichtingsbestuur zorgen baart. Voor het voortbestaan van het landgoed zijn vitale agrarische bedrijven immers onmisbaar. De stichting en de pachterscommissie hebben daarop contact opgenomen met Milieudefensie. In dit gesprek is het idee geboren een onderzoek uit te voeren naar de agra ­ rische sector op het landgoed in relatie tot de milieusitu- atie. Het onderzoek werd mogelijk gemaakt door een financiele bijdrage van de provincie Overijssel en werd uitgevoerd door de Heidemij. Enquete Alvorens de Heidemij aan het werk kon gaan, waren vele gegevens van de 73 pachtbedrijven nodig. Deze wer ­ den verzameld door de 5 leden van de pachterscommissie. De belangrij kste gegevens staan binnen het kader vermeld. Ter vergelijking zijn ook enkele gegevens over 1980 ver ­ zameld. De enquete geeft ook inzicht in de veebezetting op de pachtbedrijven in 1980 en 1994. In de tabel is daamaast een 3-tal scenario’s aangegeven voor de mogelijke ont ­ wikkeling tot het jaar 2000. Deze scenario’s dienen als uit- gangspunt voor de uitgevoerde berekeningen van de milieubelasting. Scenario 1 gaat uit van de voorspellingen van het RIVM (Milieuverkenningen -3). Deze gaan uit van een daling bij het rundvee van 10%, bij de varkens van 20% en bij het pluimvee van 10% ten opzichte van 1994.