pagina 6 herfst 1999

ook verantwoordelijkheid moeten nemen voor het maken van het kavelruilplan. Het is goed als per kavelruil een klei- ne ad hoc kavelruilcommissie van enkele betrokken pach- ters wordt ingesteld die het plan voorbereidt. Via een ondersteuningsproject voor kavelruil van de Provincie kan indien gewenst, ondersteuning worden ingehuurd van een onafhankelijk vertrouwenspersoon. Twickel werkt mee aan het verleggen van houtopstan- den en andere kleinschalige aanpassingen in het landschap ter verbetering van de bewerkingsmogelijkheden als de landschappelijke kwaliteit er niet onder lijdt. De mogelijk- heden moeten niet worden overschat. Deze zijn ook afhan- kelijk van het beleid van gemeenten. Kwaliteitsverbetering van het landschap als totaal is denkbaar als in een landschapsplan voor de vele mogelijke kleinschalige aanpassingen een gecoordineerde aanpak wordt ontwikkeld. Een dergelijk landschapsplan kan wor ­ den opgesteld voor deelgebieden waar een kavelruil speelt of waar boeren gezamenlijk aangeven dat het wenselijk is. Bedrijfsvergroting Bedrijfsvergroting moet daar waar dat past binnen de landschappelijke structuur van Twickel mogelijk blijven. Bij de verdeling van productiemiddelen hanteert Twickel niet langer een indeling van ‘blijvers en wijkers’. De levensvatbaarheid van een bedrijf is niet zomaar af te meten aan bijvoorbeeld de bedrijfsomvang. Er dient ook naar de inhoud en kwaliteit van de plannen van pachters gekeken te worden. Hoe groot bedrijven in de toekomst moeten zijn of hoe- veel bedrijven er op Twickel in de toekomst zouden kun- Gesprek met Henk en Gerdien Janssen van Wat voor bedrijf heeft u ? Wij hebben hier een pluimvee-subfokbedrijf. Wij hou- den ons hier op dit pluimveebedrijf bezig met de productie van broedeieren. Sinds 1984 worden er grootouderdieren (voor slachtrassen) op ons bedrijf gehouden. Twickel telt slechts twee pluimveebedrijven. Tot 1976 was dit nog een traditioneel gemengd bedrijf met melkkoeien en varkens. Toen hebben we gekozen voor pluimvee, overigens met instemming van Twickel. Begin jaren negentig begon Twickel echter steeds meer moeite met de intensieve vee- houderij te krijgen. Ons bedrijf is veertien hectare groot. Op zo’n drie hectare wordt mai verbouwd. Op de rest wordt jongvee ingeschaard. Wat zijn de sterke punten van uw bedrijf? Ons bedrijf is goed geautomatiseerd. We kennen wel piekdrukte bijvoorbeeld tijdens het invangen of het schoonmaken. Dan huren we losse arbeid in. Voor de rest is het met ons tweeen goed te doen. Trouwens onze kippen lopen los. Ze zitten dus niet, zoals vaak gedacht wordt, in legbatterijen. Ze lopen los rond op strooisel. Wat zijn de zwakke punten van uw bedrijf? De extra beperkingen die ons door het beleid van Twic ­ kel worden opgelegd. Twickel lijkt in toenemende mate de regie van haar pachtbedrijven te willen bepalen. Via de media en allerlei rapporten vememen wij wat Twickel met de intensieve veehouderij van plan is. Er wordt teveel over ons hoofden heen gepraat en niet direct met ons. Wij ver- wachten dat Twickel ook verant woording neemt voor onze toekomst. In het verleden hebben ze zelf met onze keuze voor het pluimvee ingestemd. Het is nu al zover dat als een pachter er een stuk grond bij wil hebben, hij naar de rent- meester moet met een boekhoudersrapport onder de arm. Vroeger was dat de pet en nu een ondememersplan. Een ander nadeel is de financiele verbondenheid met Twickel. Doordat de opstallen je eigendom zijn, zit je feitelijk aan Twickel vast. De opbrengsten van het quotarecht en de opstallen liggen anders bij Twickel. Als men niet zo vast zou zitten, zouden er vast nog meer pachters vertrekken. Hoe ziet u de toekomst van uw bedrijf? Ik vind dat Twickel eigenlijk de pluimveebedrijven ook gewoon de bestemming van “pluimvee” moet geven. We hebben er niets aan dat we gedoogd worden. We willen als ondememing zekerheid over onze positie en daarnaast een vrije vorm van ondememen blijven behouden. Wat betekent Twickel voor u ? Natuurlijk is het hier prachtig wonen in dit landschap met zijn historic. Bedrijfsmatig voelen wij die verbonden ­ heid echt niet zo. Dit bedrijf is voor onze ondememing vooral een productiefactor. Je zult de komende jaren een tweedeling gaan zien. Bedrijven op Twickel gaan eranders uitzien dan de bedrijven elders. Dat komt door de beper ­ kingen die we opgelegd krijgen. Er wordt ook vaak gepraat en geschreven over‘verbreding’.Persoonlijkzieikdat niet zitten, maar het is en blijft de keuze van de individuele ondememer. Het moet in ieder geval niet opgelegd worden door Twickel. Landschapsbeheer tegen vergoeding is prima als een boer dat wil, echter zie ik dit niet als een reele vorm van inkomen. Voor mij is het terug naar vroeger, toen de pachters op Twickel er wat mochten bijwerken om hun inkomen wat aan te vullen.