pagina 6 herfst 1997

Landgoedbeheer vraagt wijsheid en duurzaamheid Sinds 1981 heb ik het voorrecht mee te mogen werken aan het behoud van Twickel als natuur- en cultuurmoment. In dat jaar startte de natuurwetenschappelijke inventarisatie van Twickel, die de beste basis moest gaan vormen voor het beheer van natuur en landschap van het 4000 ha grote land- goed. De resultaten werden in 1983 gepresenteerd en trokken nogal wat aandacht. In een regionale krant verscheen een paginagroot artikel met als kop: “Twickel, oase van rust temidden van gretigheid”. De journalist had het ook zo kun- nen verwoorden: “Twickel, een eiland van wijsheid temid ­ den van een chaotische wereld”. Grote woorden? Misschien. In ieder geval streeft Twickel er al eeuwen naar om belang- rijke tradities en grote geestesimpulsen te bewaren, temidden van een dynamische omgeving die vaak door de waan van de dag aangestuurd wordt. De geest van T wickel is zelden beter verwoord dan door Herman Haverkate in zijn artikel over dominee Samberg en Twickel in het jaarboek Twente 1978. Tussen de regels van het verhaal door wordt de sfeer van Twickel haarfijn getekend. “Angstvallig heeft Twickel zijn hartsgeheimen voor de buitenwereld geborgen gehouden. Bijna onzicht- baar is Twickel door de tijd gegaan. De regenten streefde naar vrede en rust en gingen hun eigen, eenzame weg. Twickel schuwde wapengekletter en zocht zijn kracht in redelijke argumenten, overleg en menselijkheid”. Haverkate tekent met diep inzicht aan, dat de eeuwenlange isolementspositie van het kasteel niet betekende dat ze dat ze daar geen oog hadden voor de ontwikkelingen in de wereld. “De egelstelling Twickel is niet ontstaan in het brein van een toevallige despoot die zich wenste af te zon- deren uit minachting voor de mensheid: daarvoor was het karakter van de clausuur te nobel. De introverte levens- houding die alle Twickel-generaties kenmerkte, was veel meer de vrucht van een door de eeuwen gerijpte voorzich- tigheid en reserve tegenover de buitenwereld waarvoor de Twickels, waarschijnlijk niet ten onrechte, uiterst beducht waren. Achter het isolement van de kasteelheren stak geen hoogmoed, daarvoor waren de kleuren die ze toepasten te sober. Ze vermeden elke emotie tussen vuurrood en violet en gebruikten uitsluitend zwart en wit om het eigene aan te duiden en te beschermen. Het behouden van natuur- en cultuurwaarden in een dynamische wereld vergt een lange adem en een taaie doelbewustheid; ingegeven door een sterke wil om het eigen karakter van het landgoed te behouden en uit te bou- wen. Integriteit in denken en handelen ten opzichte van Twickels doelstelling moet hierbij het uitgangspunt zijn. “Leven voor het landgoed, niet van het landgoed”: zo ver- Brengt het boeren op een landgoed nu ook bepaalde beperkingen met zich mee ? Nee, zo ervaren wij dat niet. Kijk dat kleinschalige land ­ schap met houtwallen en bosjes is prachtig, maar het moet natuurlijk mogelijk blijven er rendabel te boeren. Dus je moet alles in redelijkheid bekijken. Neem nou solitaire bomen in een weiland. Er zijn boeren die dat niet past. Maar je kunt ook zeggen: zo’ n boom levert ’ s zomers scha- duw voor de beesten, maar dat kun je niet in geld uitdruk- ken. Wij hebben laatst nog drie solitaire bomen uitgerasterd. Ik vind dat zelf ook mooi, dus ik heb er wel begrip voor dat Twickel ze waar mogelijk probeert te beschermen. Ik geloof dat veel boeren er zich nog onvoldoende van bewust zijn welke positieve waarden ze uit het landschap kunnen halen. Wat is uw visie op de toekomst van de landbouw? Tijdens een cursus plattelandsvemieuwing voor vrou- wen viel me laatst weer op welk een heilig ontzag veel boe- rinnen hebben voor degene met de hoogste quota. Als die dan iets beweert dan zal die persoon wel gelijk hebben, denkt men dan. Maar voor mij is een echte ondernemer iemand die tij- dig de bakens weet te verzetten. Iemand die niet elke ver- andering als een bedreiging ervaart, maar nieuwe kansen weet te benutten. Kijk watje mogelijkheden zijn, watje kunt en watje ligt. Grenzeloze groei is ook niet alles. Hoe ziet u de toekomst van de pachtbedrijven op Twickel? De ingezette schaalvergroting zal voorlopig nog wel doorgaan. De grond van bedrijven die stoppen, zal bij de resterende bedrijven gevoegd worden. Er moeten levens- vatbare gezonde boerenbedrijven overblijven. Ik durf niet te voorspellen hoeveel er dat zijn en wat hun omvang zal zijn. Ik vind wel dat op de Twickelboerderijen de hoofdbe- trekking landbouw moet zijn, maar als mensen er iets naast willen proberen moet daar ruimte voor zijn en hoeft men daar niet raar tegenaan te kijken. Er moet een groter verschil zijn in de hoogte van de pacht voor goede en slechte gronden. Bij slechte ontwate- ring, onvoordelige percelen mag de pacht gerust een stuk lager zijn dan bij goede percelen. Ik denk dat de relatieno- ta ook voor meer boeren uitkomst kan gaan bieden. De bui- tenwacht reageert nu nog vaak sceptisch op beheersover- eenkomsten. Men ziet dit nog vaak als een bedreiging of een zwaktebod, maar zie het ook eens als een kans. Het landschap beheren en onderhouden is een taak die boeren