pagina 5 voorjaar 2009

5 JAARGANG l8 VOORJAAR 2009 tt Twickel diep de bosjes in moest om te kunnen zien wat het zou kunnen worden.” Karakteristiek voor het park zoals C.E.A. Petzold dat eind negentiende eeuw in gro- te lijnen ontworpen heeft, zijn de groepen bomen en heesters die het parkgebied om- ringen. Van Cessel heeft gestreefd naar meer openheid en eenvoud. Er is veel on- derbeplanting (met name rododendrons) verwijderd of teruggezet. Bomen die in de afgelopen eeuw door ouderdom of storm gesneuveld waren, zijn aan de hand van plantlijsten van j.D. Zocher jr. en Petzold herplant. De paden zijn visueel eleganter gemaakt, door het verloop enigszins aan te passen. Van Gessel: “Petzold is een laat 19-e eeu- wer. Vol, veel en dicht. Kijk maar naar de interieurs uit die tijd. Dat is 00k in de par- ken zo. Twickel is door Petzold getransfor- meerd en ik ga er weer op door. Ik neem heel veel van hem over, maar maak het iets steviger, forser van schaal. Zo wordt het rustiger, 00k beheersmatig. Petzold is heel erg van de kronkelende, gebogen lijnen. Ik heb het iets gedimd omdat sommige din- gen gewoon niet mooi te houden zijn. Zelf hou ik veel meer van de abstracte land- schapstijl van Zocher, met zijn strak gebo ­ gen lange lijnen. Het park is nu meer een menging van Petzold en Zocher. Je kunt weer ademen. Leegte is moeilijk om te ma- ken. Het is makkelijker om alles dicht te planten.” Van Gessel zegt met respect voor de histo- rie te werk zijn gegaan. Zo is een kluize- naarshut (hermitage) op het eiland in het “Grote Meer’ aan de hand van een oude foto gerenoveerd. En op basis van een ont- werp van Zocher – bewaard in het archief van Twickel – is bovenop het bergje een koepel gebouwd. Over de beoogde locatie van de koepel is niets bekend. Bent u niet bang de historie geweld aan te doen? “Nee. Respect kan 00k met een knipoog. Speels, ontspannen. Ik miste wat bovenop die berg. Er stond alleen een bankje met een hekje. Dat kan echt niet. Als je na zo’n klim boven komt moet je wel wat te bieden hebben. Ik denk dat die koepel daarvoor bedoeld was, maar zeker weten doe ik het niet. Ik heb wel de blaren op de tong moe- ten praten bij de Rijksdienst voor de Mo- numentenzorg. Die willen geen reconstruc- ties, maar dit is een uitgestelde uitvoering. Ik reconstrueer niets." Wat vindt u zelf het meest karakteristieke van uw ontwerp “Behalve dat er meer ruimte is gekomen vind ik heel leuk dat er moderne elemen- ten zijn toegevoegd. De bruggen, de land- schapswinkel. Er is geen foto of tekening van enige brug bekend, dus ik dacht ‘dit is mijn kans’. Ik heb uitgepakt. Niet met hele heftige bruggen maar passend in het park en iets toevoegend van deze tijd. Het is alsof je een gerecht hebt gemaakt en dan nog even flink mag peperen.” Wat is het grote verschil met het ontwerpen van een openbaar park, zoals het stadspark in Deventer. “Je kunt in een park als Twickel veel sub- tielere dingen doen. In een stadspark moet alles steviger, bijvoorbeeld met as- falt. Je hebt te maken met hele heftige ei- sen omtrent openbare orde en veiligheid. In de openbare ruimte kan je geen brug ­ gen maken met afwijkende leuningen, zo ­ als hier naar de hermitage. Daarnaast be- moeien veel meer mensen zich met de inrichting van een stadspark. Hier is het een kwestie van vertrouwen." Hoe gaan we volgens a in Nederland met parken om? “Lange tijd heel slecht. En nu heeft het heel veel aandacht. Dat heeft te maken met duurzaamheid en rijkdom. Na de oorlog hebben we in het kader van de wederop- bouw dertig jaar kwantiteit gemaakt. Tot in de jaren zeventig is weinig aandacht aan stadsparken besteed. In de jaren tachtig ging het economisch nog niet goed, pas in de jaren negentig werd kwaliteit weer be- langrijk. Tegelijkertijd zie je buitenplaatsen die honderd jaar eerder gemaakt waren, door een natuurlijke cyclus, in elkaar zak- ken. Dat komt nu bij elkaar.” Blijft dit park er de komende 100 jaar zo uitzien? “Dat is wel de verwachting. Het is per slot van rekening een Rijksmonument. Wel zal de vraag, de intensiteit van het gebruik, veranderen maar hoe zich dat gaat ontwik- kelen weten we niet. Waar je wel gif op kunt innemen is dat hetgeen ik gemaakt hebt, langzaam zal vervagen. Dan zal men denken ‘hoe zat het 00k alweer in elkaar’ maar gelukkig zijn alle tekeningen goed ge- documenteerd in het archief. Misschien bouwt men tegen die tijd wel een brug van glasvezel. Erzijn dan andere inzichten en bestuursleden. Ik ben gewoon een deel van de geschiedenis, een fase.” Martin Steenbeeke Michael van Gessel (1948) is sinds 1997 zelfstandig landschapsarchitect. Hij studeerde in Wageningen land- schapsarchitectuur en is afgestudeerd op een renovatie van het park van Kas- teel Groeneveld in Baarn. Eerder was hij werkzaam bij het bureau B+B Steden- bouw en landschapsarchitectuur. Van zijn hand zijn onder meer de herinrich- ting van het Deventer Stadspark, een plan voor het paleispark Soestdijk en de renovatie van de tuinen van Paleis’t Loo. Het herstel van het landschapspark Twickel is mogelijk geworden door een subsidie van de Provincie Overijssel, het VSB-fonds en de Europese Unie.