pagina 5 voorjaar 2006

Viervoeters beheren de Kleine Gelderse In Twickelblad 2 uit het jaar 2003 wordt melding gemaakt van de natuurontwikkeling in de Kleine Celderse Waard. Dit 60 hectare tellende gebied is een onderdeel van de Celderse Poort en levert een belangrijke bijdrage aan het herstel van de natuurkwaliteit. Ruim twee jaar na het begin van de uitvoering zijn de eerste resultaten al waar te nemen. Met regelmaat is het een komen en gaan van met klei gevulde vrachtauto’s van en naar de steenfabrieken in de regio. Zorg- vuldig wordt het in driehonderd tijd door de rivier afgezette kleipakket afgegraven tot op de oude rivierbodem. Er ontstaat een reliefrijk gebied met open water, laag- veenmoeras en moerasbos. Na het ontgra- ven van de eerste hectares is de ontwik- keling in hoog tempo op gang gekomen. In korte tijd ontstaan fraaie rietzomen en vestigt zich wilg op de hogere delen. Het is gebruikelijk dat nS de oplevering van de ontgronding het gewenste beheer wordt ingezet. De ontgronding wordt naar ver- wachting in het jaar 2018 afgerond. In de tussenliggende periode zal de (bos)ont- wikkeling op de reeds ontgraven terreinge- deelten zo snel gaan dat een tweede ont- ginning nodig zal zijn om het gewenste beeld te bereiken. Om dit te voorkomen is ervoor gekozen al tijdens de uitvoering te starten met begra- zing door runderen die het gehele jaar in het gebied verblijven. Om de gewenste soortensamenstelling te realiseren is de inzet van viervoetige maaimachines een zeer adequaat middel gebleken. Het is van belang dat de ontwikkeling van het gebied nauwlettend wordt gevolgd. De stichting Twickel heeft zelf geen vee in eigendom. Hulp kwam van pachter W. Uenk. Hij is in het afgelopen jaargestopt met melken en heeft zich in belangrijke mate toegelegd op de akkerbouw. De in zijn pachtareaal aanwezige graslanden wil hij laten begrazen met vleesvee. Hier ligt de sleutel voor samenwerken. Ren6e Meissner heeft ons geadviseerd bij raskeuze, kuddesamenstelling en de inten- siteit van de begrazing. Dat heeft ertoe geleid dat Wim Uenk eind 2005 een koppel Charolay koeien heeft gekocht waarvan er op 24 december 5 in de Kleine Celderse Waard zijn ingezet. Twee oudere koeien waarvan er 66n drach- tig is en drie jongere dieren van bijna twee jaar waarvan er 00k iin dragend is. De kalveren worden in mei geboren. Qua voedselaanbod en weersgesteldheid is dat een gunstig moment van afkalveren voor vee dat het gehele jaar buiten verblijft. De grootte van het te begrazen gebied is op dit moment 7 hectare; waarvan 2 ha be- staat uit grasland. De koeien waren de eerste periode alleen op de graslandpercelen te vinden. Onze adviseur Rende Meissner heeft voorspeld dat aan het eind van de winter de koeien 00k houtige gewassen in hun menu op gaan nemen.Deze voorspelling is uitgeko- men. Het is spectaculair om te zien dat koeien wilgen met een dikte van 66n centi ­ meter zo naar binnen werken.Het tegen- gaan van de ontwikkeling van wilg is een belangrijke functie van deze begrazing. De kudde heeft al zo’n hechte band opge- bouwd dat het niet meer mogelijk is 6en individu uit de groep te halen. Het is van belang dat de volwassen koeien die vanaf het begin in het terrein zijn ingezet daar 00k blijven.Zij leiden de kudde, kennen het gebied en weten waar op welk moment het meest aantrekkelijke voedsel te vinden is. Het aantal viervoetige beheerders groeit mee in het tempo van de ontgronding. Ron Blom