pagina 38 herfst 1992

soms was dat ambt erfelijk verbonden aan een be- paald erf, de hoofdhof. In ’’Woolde” was het mar- kerrichterschap erfelijk verbonden aan de Hof te Hengelo en de eigenaar was dus erfmarkenrichter. Markeboek In 1403 is voor ’’Woolde” zeker al sprake van een marke, want in een proces blijkt dat Egbert Hake van de Rutenbergh (als bezitter van de Hof te Henge ­ lo) rechten doet gelden op het ’’holtgericht” (4). Die term is een typisch begrip uit de markentijd en duidt op rechten t.a.v. de houtopstanden ter plaatse. Die markerechten (en plichten) zijn aanvankelijk mondeling overeengekomen en later schriftelijk vast- gelegd in het z.g. markeboek. Van dat markeboek van ’’Woolde” is een afschrift bewaard gebleven (5), alwaar blijkt dat het oudste daar in vermeldde jaartal 1482 is. Er ontbreken echter duidelijk bepaalde ge- deelten in dat afschrift, terwijl uit de tekst valt op te maken dat de afspraken (markenrecht en wilkoer) al van oudere datum stammen. Het geslacht Van Twickelo had al spoedig na aan- koop van de Eysinckhof (Twickel) in 1347 relaties met de Woolder marke. Zo worden de Woolder er ­ ven Laerhuys, Woestinck, Oldenhave en Berflo ge- noemd onder de lenen van Steinfurt (6). In het jaar 1384 blijkt daar dat Twickelo dan rechten heeft op bepaalde tienden uit die erven. Die rechten blijft Twickel behouden gedurende honderden jaren, waarover zelfs processen zijn gevoerd tot in hoogste instantie. Die historic is op zich al een interessant verhaal. Twickel bezat naast genoemde tienden ook al vroeg een aantal erven in de marke ’’Woolde”, welk bezit zich in de loop van eeuwen geleidelijk uitbreidde tot een groot goederencomplex. Aankopen Gedurende de tijd dat de Twickelo’s bezitters waren van de Hof te Hengelo (1485-1615), waren zij erf ­ markenrichter van de Woolder marke. Daarvoor wa ­ ren het de Rutenberghs, terwijl na 1615 het geslacht Ripperda door aankoop van de havezathe Hengelo, dat ambt bekleedde. Het Twickelse bezit in de marke ’’Woolde” werd grotendeels uitgebreid door aankopen. Dergelijke aankopen vonden meestal niet plaats op grond van weelde bij de oorspronkelijke eigenaren. Wei moch- ten die verkopers dan als pachters op hun voormalige erven blijven wonen. In het huisarchief Twickel zijn enkele van die aanko ­ pen beschreven, terwijl m.n. ook in het markeboek van ’’Woolde”, aankopen worden genoemd. Zo koopt Frederik van Twickelo in 1514 een mate (wei- de) met een gaerden (tuin of bouwland) bij de Weele (in het noorden van de marke). In datzelfde jaar koopt hij ook een kamp bij Laerhuys en bij Wechhorst. Erven Het Verpondingsregister 1601/02 noemt alle eigena ­ ren van de gewaarde erven in ’’Woolde” (7). Daaruit is deels op te maken hoe groot het toenmalige goede ­ rencomplex van Twickel in ’’Woolde” moet zijn ge- weest. Genoemd worden als bezit van het geslacht Van Raesfelt, de gewaarde erven Borchhuys, Egger- tinck, Olthoff en Benninck. Het erve Nijhoff en Huys Hengelo zijn in bezit van Frederik van Twicke ­ lo de drost van Rheda; Krabbenbos is eigendom van Adolph van Twickelo en de Werninckhoff is in bezit van Slade. Al die erven in ’’Woolde” zijn goederen die in de periode voor 1600 tot het Twickel-complex hoorden, maar door verdeling en vererving over gin- gen in verwante familie-handen. Van het totale aantal van 25 gewaarde erven in ’’Woolde” zijn dan dus een achttal eigendom (of ge- weest) van Twickel, plus een onbekend aantal onge- waarde erven en landerijen. In latere eeuwen zijn daar erven aan toegevoegd of uit verdwenen door af- braak, sanering of anderszins. Markeverdeling Ook het opheffen van het markesysteem heeft bijge- dragen tot gebiedsuitbreiding van Twickel in de mar ­ ke ’’Woolde”. Tussen en random de bestaande erven lag m.n. in de 19e eeuw nog veel onontgonnen woeste grond, welke in het midden van die eeuw werd ver- deeld onder de toen aanwezige eigenaren van erven. Hoe uitgebreider het bezit was, hoe meer rechten men had op te verdelen grond. In het huisarchief Twickel bevinden zich tal van ar- chivalia die betrekking hebben op deze markeverde ­ ling. Dat betreft zowel ontwerpen van die verdeling, alsook concept-verdelingen en definitieve beslissin- gen. Bij die verdeling van woeste gronden werd een vijftal aspecten in ogenschouw genomen, aan de hand waarvan aanspraak kon worden gemaakt op te verdelen grond. 1. Indien iemand gerechtigd was in de marke, ver- kreeg hij het recht op vier aandelen. 2. Het bezit van een woning in de marke ’’Woolde” gaf recht op nog een aandeel. 3. Elke hectare bouwland verzekerde de eigenaar nogmaals van een aandeel. 4. Een hectare weidegrond gaf daarboven nog 2/3 aandeel, terwijl 5. een hectare bosgrond nog 1/3 aandeel daaraan toevoegde. Het valt daaruit te begrijpen dat m.n. Twickel, als bezitter van veel grond en tal van erven, een groot aantal aandelen kreeg toegewezen, wat een aanmer- kelijke vergroting van het goederencomplex gaf. Die periode mag min of meer worden gezien als het tijdstip waarop het landgoed Twickel de huidige om- vang verkreeg. Bronnen: /. Corveyer G liter Register. Spancken. W.; W.Z. Bd. 21. 2. Bentheimer Jahrbuch. Kiihle. E.; 1972. 3. Mens en land in de Middeleeuwen. Slicher van Bath. B.H. 1977. 4. Collectie van Rheemen. Hs. 113 I/f nr. 340 R.A.G. 5. Markeboek van Woolde. Huisarchief Twickel. 6. Extractus Prothocolli Feudalis Cotnitatus Steinfurtensis. Archie/ Steinfurt. 7. Verpondingsregister 1601 02. Oudheidkamer Enschede. 1985.