pagina 21 winter 1994

In 1 758 bracht een otter een premie van 2 gulden op De familie Schneider, Twickel en de jacht Vorig jaar kreeg ik de familiepapieren door toedoen van mijn nicht Colette de Rooy-Schneider, dochter van de legendari- sche advocaat, vroeger in de wandeling genoemd „mr. Dr. Jan-Willem”, de laatste telg van de familie Schneider, die in “Het oude Huis” woonde met de markante trapgeveltjes aan de markt te Delden. Naast de complete stamboom bevatten deze paperassen een aantal hoogst interessante gegevens over onze familie, die van oorsprong afkomstig is uit Duitsland uit het plaatsje Langendembach in de provincie Hessen, destijds het prinsdom Oranien Nassau. Paul Schneider Door zijn vlijt en kennis maakte hij een na verloop van tijd een zodanige indruk op de graaf, dat deze hem vroeg om als bosbaas op het landgoed in dienst te komen. Maar Frans schijnt dat te hebben geweigerd, omdat hij liever vrij man was, dan grote knecht. Door zijn zuinigheid en vlijt wist hij toch het nodige bijeen te sparen, waardoor hij toch enig aanzien bij de plaatselijke bevolking wist te veroveren en zich in Delden vestigde als koopman. In een stuk in het huisarchief, inv.nr. 4875, wordt Frans Schneider vermeld als eigenaar van de Vossebelt in Bentelo. Deze verzoekt anno 1791 om een stuk grond te mogen kopen in de Leemkuil, gelegen bij de grens met de marke Haaksbergen. Huwelijk Het gezegelde doopbewijs van mijn betovergrootvader Frans Schneider geboren op 3 december 1723 vormt een van de meest waardevolle stukken. En deze Frans moet een zeer gepassioneerd jager zijn geweest, maar in zijn jeugdi- ge onbezonnenheid deed hij iets, wat in die tijd slechts voorbehouden was aan de adelstand, tijdens de jacht in de uitgestrekte en wildrijke omringende bossen, schoot hij namelijk een groot en machtig hert. Om zijn straf, die in die tijd bepaald niet mals was te ontlopen vluchtte hij weg de grens over naar Nederland. Zodoende kwam hij destijds in de stad Delden in het Twentse land terecht. Jager op Twickel Om aan de kost te komen verhuurde hij zich als jager op het landgoed van de heren van Twickel. Uit naspeuringen in het huisarchief van Twickel zijn de volgende interessan ­ te gegevens vanuit die tijd naar boven gekomen: In de rent- meestersrekeningen van Twickel staat in de rekening over oktober 1758 de post „aen de jaeger Frans Schneider een jaar loon 50 gulden, voor een jaar kleding versch. 14 dezer 25 gulden”. Andere posten in 1758 met betrekking tot de jager zijn: „May an de jaeger Frans twee otters en een mar- ter 4 gulden en 11 stuivers. May aen de jager een otter gevangen bij de Hachmeule 2 gulden”. „Augustus aen de jaeger 4 buzingen 2 gulden 4 stuivers”. so TT^r . • .. . V "~e-i UA Frans huwde op 17 juli 1761 met het Deldense meisje Geziena Schrader. Waarschijnlijk bleef het jonge paar de eerste tijd bij haar ouders inwonen, totdat zij voldoende gespaard hadden om een eigen huis te kopen. Op de derde maart 1767 is het dan zover, dat zij het huis kunnen kopen gelegen midden in het stadje tussen het huis van Derrik Meyling en de weduwe Slaghecke. Zij kopen het huis van Elisabeth Beer, die in Amsterdam woont, voor de somma van F 1200,= met de belofte „ende conditie, dat zij haar vader Freterig Beer zullen onderhouden in eten en trijnken de tijds sijns levens ende behandelen als sijn eigen vaater, seifs in eten en trijnken geven”. Het gaat hun financieel zo goed, dat Frans een maand later op 22 april 1767 alweer een stuk land kan kopen van Albert Memerink, gelegen aan de Jan Lucaskamp tussen het land van Dirk Averink en Frederik Vos voor de som van F 145,= De akte wordt gepasseerd voor de Burgemeester, Schepen en Raden van de Stad Delden. Kinderen Het huwelijk tussen Frans en Geziena blijft kinderloos. Omstreeks 1770 sterft Geziena Schrader en Frans blijft alleen achter. Na de dood van zijn eerste vrouw huwt Frans met zijn buurvrouw of een van haar kinderen; dit laatste is niet geheel duidelijk. Het verhaal doet de ronde binnen de familie, dat hij gezien zijn rijzige gestalte nogal eens over de schutting keek. Op 5 december 1773 huwt hij wederom een Deldense, Catharina Slaghekke. Thans wordt het Deldense geslacht gesticht. Uit dit huwelijk worden zes kinderen geboren, nl. vijf dochters en een stamhouder, de jongste Fredericus op 13 november 1788. C&C Passage uit de rentmeestersrekeningen van 1758 over de jager Frans Schneider. Intussen gaan de zaken zeer goed. Uit zijn testament blijkt, dat hij samen met zijn vrouw Catharina een winkel had, terwijl hij veel stoffen verkocht naar Holland. Werderom weet Frans zijn grondgebied uit te breiden met een stuk in de Jan Lucaskamp, gelegen naast dat van B. Vrijmoet.