pagina 20 winter 2011

Criezelen in he met schaduwbeelden In de ige eeuw hoefde men zich tijdens de lange en donkere winter- avonden zonder televisie of radio absoluut niet te vervelen. Families zoals de Van Heeckerens vermaakten zich met ‘coptographische avond- uitspanningen’. Anders gezegd, de avond werd gevuld met het vertonen van schaduwbeelden of schimmen’. Op Twickel bevindt zich een map met een aantal van deze ‘coptographische schaduwbeelden’ van Engelse herkomst. Het woord ‘coptografisch’ is een zelfbe- dacht woord en komt van het Griekse woord kdptein, dat snijden betekent. Want voordat deze schimmen op de muur ge- projecteerd konden worden, ging er eerst een stukje huisvlijt met een schaar en mesje aan vooraf. Knipkunst Er is een relatie tussen het schaduwbeel- denspel en de knipkunst. De knip- of sil- houetkunst is de basis geweest voor het Europese schimmenspel en komt oor- spronkelijk uit China. Via Perzie en Turkije kwam deze vorm van kunstnijverheid in Oostenrijk en Zuid-Duitsland terecht en verspreidde zich daarna over heel Europa. Rond 1810 introduceerde de Weense kunsthandelaar Heinrich Friedrich Muller zijn kunstzinnige ‘coptographische unter- haltungen’. Al snel namen uitgevers in andere Europese landen zijn idee over en rond 1820 werden 00k in Nederland derge- lijke schaduwbeelden uitgebracht. In het Nederlandsch Nieuws- en Advertentie Blad van 12 april 1820 stond al een advertentie voor ‘een 12 stuks coptografische scha ­ duwbeelden’. Deze werden ‘beneevens eene aanwijzing hoe men zich bij kaars- of lamplicht de schoonste uitwerking hiervan kan verschaffen’, voor 12 stuivers uitge- geven bij de Wed. C.A. Diederichs en Zoon, Boekverkoopers op de Bloemmarkt te Amsterdam. Populair en leerzaam De uitgevers brachten mapjes in verschil- lende series uit met afbeeldingen van o.a. beroemde kunstschilders, acteurs, politici, koningen, krijgslieden, filosofen, bijbelse figuren oftaferelen van toen bekende schil- derijen. De bedoeling was om de omtrek van de prent uit te knippen en alle zwarte afgedrukte elementen in de prent van binnenuit weg te snijden met een scherp puntig mesje. Vervolgens werd het over- gebleven silhouet met behulp van kaars- licht op de muur geprojecteerd. Daarbij werden dan verhalen verteld of teksten en gedichten voorgedragen. Het schouwspel was dus niet alleen vermakelijk , maar 00k heel leerzaam. Spelen met coptographi ­ sche schaduwbeelden bleef een populair vermaak voor jong en oud gedurende de hele nge eeuw. Ze werden in 1870 nog afgebeeld in de Kindercourant waarop Rodolphe van Heeckeren een abonnement had. Hij werd onder meer verblijd met een schaduwbeeld van de Nederlandse liberale staatsman Thorbecke. Helden in beeld De schaduwbeelden op Twickel werden uit- gegeven door de Londense uitgever en boekhandelaar Benjamin Tabart en dateren uit 1817. In die tijd had Tabart al een florerende kinderboekhandel in New Bond Street. Zijn schaduwbeeldseries geven ons nu een prachtig historisch tijdsbeeld. In de serie ‘militairen’ werden onder meer de Duke of Wellington en Generaal Blucher ‘en face’ afgedrukt. Zij waren de helden uit de slag bij Waterloo, waar Napoleon in 1815 werd verslagen. Hun schaduwbeelden ver- schenen groots op de muur bij de mensen thuis en zo werd bij kaarslicht het chauvi- nisme van de Engelsen aangewakkerd. Kean & Kemble In een andere serie worden bekende acteurs belicht. Hierin zien we de Engelse acteurs Edmund Kean en John Philip Kemble, gekleed in prachtige gewaden uit de tragediespelen van Shakespeare. Rond 1817 werden ze als uitgeknipte ‘schim’ op de muur geprojecteerd. Het was de bedoe ­ ling dat de aanwezigen daarbij delen uit de toneelstukken van William Shakespeare declameerden. Het declameren van tek- sten past vandaag de dag nog helemaal in de Engelse traditie. Kean en Kemble waren eigenlijk de Pierre Bokma en Gijs Scholten van Aschat uit de ige eeuw. Bokma en Van Aschat brengen tegenwoordig nog steeds succesvolle bewerkingen van Shakespeare op het toneel. Wie weet verschijnen ze 00k nog eens als schaduwbeeld op de muur. Het hoogtepunt van een ‘avond -uitspan- ning’ zal de projectie van de ware geest- verschijning van The Bleeding Nun zijn geweest. Deze non was e£n van de hoofd- personen uit het boek The Monk (1796), geschreven door Mathew. G.Lewis. Dit boek was zo’n succes dat er een opera- bewerking van werd gemaakt. De uit pa ­ pier geknipte non was op subtiele wijze voorzien van een papieren mechaniekje, waardoor haar lieftallige gezichtje in een doodshoofd kon veranderen. U zult begrijpen dat het wel heel angstaanjagend was als haar schim op de muur tevoor- schijn kwam. Schimmige herkomst Het is niet duidelijk van wie deze schaduw ­ beelden zijn geweest. Opmerkelijk is wel dat er op een aantal uitgeknipte afbeeldin ­ gen een sierlijke I geschreven is. Isabelle Sloet van Toutenburg ondertekende haar brieven met haar initiaal I. Hoewel de plaatjes wat datering betreft eerder tot de generatie van haar ouders behoorden, zou deze sierlijke I er op kunnen wijzen dat Isabelle zich destijds heeft vermaakt met dit schimmenspel. Ik ben bang dat de herkomst van deze schimmen in nevelen gehuld zal blijven. Maar dat past misschien 00k wel bij dit soort plaatjes. Christine Sinninghe Damste