pagina 18 najaar 2010

i8os]i»7i Hh Twkrkfl :UtL Koning Willem III en zijn gemalin Sophie, prinses van Wiirttemberg. hield, mee te delen dat hij die avond om zes uur niet voor het diner op het kasteel zou verschijnen. Nadat de gouverneur, die 00k in het gezelschap van de koning ver- toefde, van de actie van de burgemeester had gehoord, liet hij nog dezelfde middag een brief bij hem bezorgen. ‘Ik heb vernomen’, schreef hij, ‘dat u heden een bediende had gezonden naar het kasteel Twickel om te bedanken voor de uit- nodiging voor het diner. Het is mij daarbij gezegd dat die handeling zoude moeten be- schouwd worden als een blijk van ontevre- denheid over’s konings verhaaste komst. Ik kan mij voorstellen dat de vroegere komst des konings enige teleurstelling heeft gebracht, doch bovengenoemde handeling is zo ongepast en zo weinig overeen- komend met den eerbied, aan de koning verschuldigd, dat enige nadere opheldering daarover nodig zal zijn.’ even duurzaam als wanneer hij dat gedeel- te Uwer stad bij aankomst reeds had ge- zien.’ Daar was inderdaad geen speld tus- sen te krijgen. Net als Enschede wilde 00k Oldenzaal een verandering van het pro- gramma. Het onderdeel: strooien van bloemen door kinderen der notabelste in- gezetenen, bleek door de gouverneur van het Oldenzaalse feestprogramma te zijn afgevoerd. Dat speet de burgemeester van Oldenzaal zeer en hij vroeg aan de gouver ­ neur of het bloemenstrooien toch niet door kon gaan, omdat de afgelasting voor zijn notabelen een grote teleurstelling was. ‘De toiletjes zijn al gekocht’, berichtte hij, en ‘vanuit Haarlem is een speciale ruiker ontboden.’ Uitdrukkelijk verzekerde hij de gouverneur dat zijn eigen kinderen niet aan het bloemenstrooien mee zouden doen, zodat de gouverneur niet moest denken dat hij enig persoonlijk belang had bij zijn verzoek. Praalgraf Niet alleen gemeenten reageerden, 00k par- ticulieren. De meest hardnekkige volhouder was wel jhr. C.W. Bosch van Drakestein van het huis Heeckeren in Coor. Nadat hij eerst per brief aan de gouverneur had gevraagd of de koning misschien niet bij hem wilde komen logeren, verzond hij dezelfde dag nog een telegram naar Zwolle. Daarin vroeg hij zijn brief als niet geschreven te beschouwen, omdat hij op het moment van schrijven nog niet wist dat de koning op kasteel Twickel zou overnachten. Ruim een week later vond de gouverneur op- nieuw een brief van de Coorse jonker op zijn bureau, waarin hij vroeg of de koning, nu deze niet in de gelegenheid was om te komen overnachten, bij hem thuis mis ­ schien enige verversingen wilde gebruiken. Helaas voor hem had de koning tijdens zijn doorkomst meer belangstelling voor de overleden Coorse notabelen en bezocht hij na de ontvangst ten gemeentehuize alleen het praalgraf van Thomas Ainsworth, de pionier van de schietspoel. Toen voor burgemeeser Van Reede en zijn Deldense erewacht de grote dag aanbrak, liep het geplande feestprogramma geheel in het honderd. Het koninklijk gezelschap arriveerde meer dan twee uur te vroeg bij de gemeentegrens van Stad Delden. Op dat moment was Van Reede met zijn wet- houders en erewacht nog in geen velden of wegen te bekennen. In plaats van te wachten of een omweg te maken reed de stoet zonder huldiging rechtstreeks door naar kasteel Twickel. Daar zou avonds een diner plaatsvinden waarvoor behalve de kantonrechter, de twee predikanten en de pastoor 00k burgemeester Van Reede was uitgenodigd. Nadat Van Reede die middag had verno ­ men wat er was gebeurd, ontstak hij in toorn. In een opwelling van woede stuurde hij een bode naar het kasteel om de baron, die hij voor het voorval verantwoordelijk Opheldering Die opheldering kreeg de gouverneur per kerende post, dezelfde dag nog. ‘Niette- genstaande de beperkte middelen die ik in vergelijking der groote steden bezit’, probeerde de arme burgemeester zich te verdedigen, ‘had ik gedurende vele dagen van’s morgens vroeg tot avonds laat al- les in het werk gesteld om de stemming der ingezetenen te leiden en alles zo goed mogelijk tot een goed einde te brengen.’ nu dit alles 00k voor mij op een maal bleek geheel en al te vergeefs te zijn ge- weest, heeft dan 00k die onaangename stemming zich zodanig van mij meester ge- maakt dat ik mij niet in staat voelde om op een diner te verschijnen waarop ik door den Heer Baron van Heeckeren van Wassenaer was genodigd.’ Ondanks zijn toelichting nam de gouverneur met de afzegging geen genoegen en verplichtte Van Reede alsnog om klokslagzes uur te verschijnen. Maar Backer sprak voor zijn beurt. Niet hij, maar de baron was de gastheer en die wilde, ongetwijfeld na overleg met de koning, de brutale burgemeester niet meer aan zijn tafel zien verschijnen. Opnieuw pakte de gouverneur de pen en schreef een tweede brief waarin hij Van Reede gelastte zich niet meer in de omgeving van het kasteel te vertonen. Toen die brief op het gemeentehuis werd afgegeven, was de burgemeester echter al met hangende pootjes onderweg naar het kasteel.