pagina 16 herfst 2003

Pachtbetaling in een nabij verleden H et is nog niet zo lang geleden dat de aan Twickel verschuldigde pacht con- tant betaald werd. Mijn collega Emmy Pots-Buursink heeft in haar beginjaren heel wat briefjes van duizend door haar vingers laten glijden. Vanaf 1981 werkt zij op de rentmeesterij als assistent van de administrateur. In de eerste jaren dat zij op Twickel werkte, ontvingen de pach- ters per buurtschap een oproep op een voorbedrukte kaart waarin hen werd gevraagd op een bepaalde dag in november met de pachtsom naar de rentmeesterij te komen. “De boe- ren betaalden tijdens zittingen op de ochtenden van de weken rond de officiele pachtdag. Deze valt op 11 november (St. Maarten). Voordat ze naar de rentmeesterij gingen, brachten de mensen eerst een bezoek aan de bank om het geld op te nemen. De banken in Delden hidden daar gelukkig rekening mee, maar een bank in Hengevelde die wat minder alert was, kwam eens met een lege kas te zitten. Sommige bankbriefjes -dat kon je wel ruiken – kwamen niet van de bank maar uit de motteballen. Na het bezoek aan de bank gingen ze naar de rentmeesterij, toen nog gevestigd aan de Hengelosestraat, waar ieder in de ruime wachtkamer zijn beurt afwachtte. Ondertussen was het heel gezellig en werden er sigaren opgestoken. De lucht was er om te snijden. Tijdens het betalen presenteerden de pachters ook siga ­ ren aan het comite dat het geld in ontvangst nam. Vanwege de enorme bedragen die er binnenkwamen, zat je op de pachtdagen altijd met je tweeen achter het bureau: de rent- meester, mijnheer Brunt, met de administrateur de heer Kooistra, of de administrateur met de assistent. De zaken werden steeds in dezelfde volgorde afgehandeld. Eerst lieten de pachters hun pachtboekje afteke- nen, en vervolgens schreven we het bedrag bij in het kasboek. Sommige pachters voldeden het bedrag in die tijd al via de bank. Zij kwamen dan alleen voor het persoonlijk contact. Vaak werd tijdens het geprek naar mogelijkheden tot gronduitbreiding gevraagd, of werd er aangedrongen op renovatie van de boerderij. begin van de jaren tachtig op aan ­ gedrongen om het geld per bank te laten betalen. Dit is in het daarop volgende jaar doorgevoerd. De pachters konden nog wel op Twickel komen om hun pacht- boekjes te laten bijschrijven. Dit kan trouwens nog steeds. Sommige Nadat aan het einde van de perio- de alle pachten binnen waren, wer ­ den de grote pachtboeken van de administratie bijgewerkt. Aan het einde van de morgen telden we het geld na. De inkomsten gingen dezelfde dag nog naar de bank terug. De heer Kooistra of ik fietsten dan door Delden met soms meer dan 100.000 gulden. Het geld zat in een versleten aktentas om niet op te vallen.” Dit was natuurlijk een gevaarlijke situatie, maar er is nooit iets gebeurd. Al snel na de komst van Emmy Pots werden de uitnodigings- kaarten in een dichte enveloppe gestopt. “Zo werd voorkomen, dat de personeelsleden van het post- kantoor de betaaldatum konden doorgeven. De leden van de pachterscommissie hebben er in het pachters hechten aan deze traditie. Hun pachtboekjes gaan soms terug tot de achttiende eeuw. Op de andere landgoederen van de Stichting Twickel zijn de pacht ­ dagen wat langer doorgegaan. In Brecklenkamp gingen we naar het plaatselijk cafe om de pachten in ontvangst te nemen. Op het Hof te Dieren gingen we rond 22 februari (St. Pieter) naar de woning van de opzichter om de pachters te on- tvangen en in Wassenaar zaten we rond de Kerst bij de familie Bos op Zuidhof.” Aafke Brunt