pagina 15 lente 2005

Een wijnfles met cognac Na de bijzonder geslaagde filmavond van de Vereniging Vrienden van Twickel kwamen veel oude herinneringen weer bij mij boven. De film ‘Twents Volksleven’ van de heer A.C. Meijling inspireerde mij tot het volgende, waar gebeurde verhaal. Op de rekken in de wijnkelder liggen nog verschillende flessen zonder etiket. Foto: Alexander van den Tweel. O p 10 mei 1940 werd de bevolking via de Neder- landse radio-zender opge- roepen om al hun wijn en andere sterke dranken door de gootsteen te gooien. Dit, opdat de invallende Duitse soldaten zich daaraan niet zouden kunnen bezatten om dan daama eventueel vrouwen of meis- jes te verkrachten. Ik weet dat er hier in het oosten van het land verschillenden zijn geweest die dit advies letterlijk hebben op gevolgd. In de gracht Zo niet mijn vader. Hij achtte zijn tuin groot genoeg om daar het kost- bare vocht te verstoppen. Voor zo ver ik weet, heeft hij toen ook zijn overbuurman, de toenmalige rent- meester van Twickel. W.H. Bitter, er van kunnen overtuigen dat de wijn op het kasteel een betere bestemming verdiende dan de goot ­ steen. Maar het zou niet verstandig zijn deze te laten liggen in de wijn ­ kelder, waar elke onverlaat het als eerste zou zoeken. Hoe dan ook, er is opdracht gege- ven de wijn te verstoppen. Maar de plek waarop? In neem aan dat noch mevrouw Van Heeckeren zelf, noch de heer Bitter die plek bedacht heeft. Een wat minder slimme geest liet de flessen in rieten manden pak- ken, die men toen in de gracht liet zakken. Met als gevolg.. .dat na een paar dagen de etiketten boven kwa ­ men drij ven. Ik zelf heb weken later nog wel eens een paar verdwaalden met een stokje uit te water gevist. Dit verklaart waarom er zoveel flessen zonder etiket in de wijn ­ kelder lagen, en sommige liggen daar nog. Drankdeal Mijn ouders en dominee Enklaar hadden een vriendschappelijke band, hoewel de laatste heel goed wist dat mijn vader totaal onkerks was en zichzelf een atheist noemde. Maar wie weet, was juist dat wel de reden waarom de dominee mijn vader met het volgende benaderde. Vlak na de oorlog, toen er in ons land nog niet of nauwelijks wijn of drank geimporteerd werd, kwam de dominee met de vraag: “Zou jij nog een flesje wijn voor mij over heb ­ ben?” Het was een vraag die mijn vader verbaasde. Waarom? Het ant- woord luidde: “Ik kreeg vandaag van het kasteel de wijn voor het avondmaal binnen. Daar zat een fles zonder etiket tussen, die ik niet vertrouwde. Voor de zekerheid heb ik die zojuist maar open gemaakt en daar zat inderdaad geen wijn in. Maar wel … een verrukkelijke oude cognac! Als jij mij een flesje wijn bezorgt, delen we de cognac”. Deze drankdeal was snel beklonken. Kim van Eck