pagina 14 winter 1994

Drijfjacht bij het erve Elbert in het Elbertsbos. Midden: uiterst links baron en barones Van Heeckeren van Wassenaer, 6e van links C. van Suchtelen van de Hat toor Osseuit Beckum, 7e van links graaf Bentinck van Zuylestein, uiterst rechts burgemeester Van Suchtelen van de Haere van Delden. Op de achtergrond Foi het park” werd gedoeld op de bewoners van de twee hok- ken bij de oranjerie: hoenderen, kalkoenen, fazanten, een- den, pauwen, duiven en watergevogelte. Daamaast was er nog een tweede categorie fazanten, waarvoor een aparte faisanterie was ingericht. Deze stond naast de „grote loods”, waarmee waarschijnlijk de timmerplaats is bedoeld die stond op de plaats van de huidige parkingang. Een deel van de fazanten werd uitgezet in het bos. Daar werden ze goed in de gaten gehouden. De faisantier kreeg opdracht de dieren met voer te lokken en ze te wennen aan vaste voerplaatsen. Ook moest hij bijhouden in welke bomen de fazanten ’s nachts zaten te slapen. Graaf Carel heeft alles tot in de puntjes willen regelen. Verschillende keren dringt hij er op aan om bij de oude „phaisantier” advies in te winnen. Dit heeft wellicht betrekking op de fai ­ santier Bonke, waarvan in een brief uit 1760 sprake is. De man, die in 1798 in dit vak aantrad, was in elk geval niet de eerste. Casa Nova In de negentiende eeuw kreeg de fazantenfokkerij na Detail uit de zgn. Grauwe Kaart van het huis Twickel, midden 18e eeuw. Ten zuiden van de Kooidijk is hierop een eendenkooi gesitueerd.