pagina 13 zomer 2003

Op deze historische foto van omstreeks 1900 is duidelijk te zien. dat de korenmolen tot in de vorige eeuw voorzien was van twee waterra- deren: een nu verdwe- nen bovenslagrad (onderaan) en een onderslagrad. Het bovenslagrad werd draaiend gehouden door het gewicht van vallend water. Het waterverval in de Oelerbeek was hiervoor eigenlijk onvoldoende. Aan de rechterzijde van de brug bevindt zich nog het waterrad van de toen al afgebroken oliemolen. Foto: B.Jb. Hoetink, Warnsveld. de funderingen en het waterrad bleven nog geruime tijd staan. In het weiland naast de molenbrug ligt nog steeds een van de lopers of kantstenen van de oude kollergang. Verval De korenmolen bleef in gebruik bij leden van de familie Vennink, die nu als pachter optraden. Na de Tweede Wereldoorlog werd er gemalen met een door elektriciteit aangedreven hamermolen. Ondertussen raakte het molengebouw emstig in verval. Het in 1971 uitgevoerde herstel kwam gelukkig nog net op tijd. De gemeente Hengelo, die de restauratie coordi- neerde, liet de werkzaamheden uit- voeren onder leiding van de restaura- tie-architect D. Hulshoff. In het daarop volgende jaar droeg de Stichting Twickel de opstal van de watermolen om niet aan de gemeente over. De ondergrond, het molenerf en de molenkolk werden tegen een sym- bolische jaarlijkse canon in erfpacht uitgegeven. Nadat in 1976 ook het stuwwerk was hersteld, kon de molen weer malen. In de jaren tachtig ontstonden er plannen om de oliemolen weer op te bouwen. Vele bewoners van de buurt- schap Oele en verschillende instan- ties, waaronder de Bond Heemschut, hielden de ontwikkelingen tegen. Ook de Stichting Twickel was geen voor- stander van dit herbouwplan. De bewoners vreesden dat het in de her- bouwde molen te vestigen restaurant te veel toeristen zou trekken. De histo- rici beschouwden de herbouw als een stuk geschiedvervalsing. Aafke Brunt