pagina 13 winter 1992

11 JL, 1 ^ mt ■! *9 J Een feestje bij de afronding van het projekt Bij de kelim en de bankbekleding was er nog het pro- bleem van de juiste kleur borduurwol. Veelal is de originele kleur vervaald en is het een puzzle om een goede tint in te brengen. De wol kopen we via allerlei omwegen in Engeland. Zo in de trant van: Als je toch in Engeland komt ga dan vlug naar die en die en neem even wat garen no. dat kleur zus en zo mee. Het is ons nooit geweigerd. Feestje U begrijpt dat, als er een project klaar komt, en met behulp van de heer Kerkdijk en zijn collega’s weer op de plaats komt, wij wel even een klein feestje hebben, en een heel lekker gevoel. En dat lekkere gevoel komt steeds weer als we naar de resultaten kijken. Natuurlijk zijn er hier ook kosten, zoals gezegd de wol, goede en juiste materialen. In het geval van de gordijnen meters en meters voering en niet te verge- ten de kosten voor de stomerij. Hiervoor kunnen we een beroep doen op het restauratiefonds. Hopelijk zijn er lezers die in het verleden na een kasteelbezoek een bijdrage hebben gedaan in dit fonds. Het moet toch een aardige gedachte zijn om ook te hebben meegeholpen aan zo iets tastbaars. Wij gedenken de gevers bij ons ’’kleine feestje”. Jammer dat niet iedereen daar bij kan zijn en in dat lekkere gevoel kan delen. Deskundige In September zijn we na een betrekkelijk rustige peri- ode weer begonnen en op het programma voor het nieuwe seizoen staat een enorme klus, de restauratie van de damasten gordijnen van de Drostenkamer en de Wassenaerskamers. Deze restauratie is ingewikkeld en wij zullen daarom een week les krijgen in de technieken hiervoor vereist. Deze instructiedagen zullen gegeven worden door de heer Cousens, hoofdrestaurator textiel Rijksmuseum Amsterdam. Het Rijksmuseum stelt ons de diensten en kennis van de heer Cousens belangeloos ter be- schikking. Dat bedoelen we nu met ”het beroep” dat we kunnen doen op deskundigen. De Textielmeisjes moeten een week achter elkaar be- schikbaar zijn van ’s morgens 9 tot 5 uur’s avonds. Wij, dat is het vaste personeel en dus de onvrijwilli- gers, zullen ervoor zorgen dat het toch plezierige da- gen worden voor onze vrijwilligers. Ter uwer orientatie: deze voorgenomen restauratie zal niet met een jaar bekeken zijn en het uiterste aan geduld vergen van de ’’restauratrices”, ik denk wel voor de komende drie jaar. Moedig van ze om er aan te beginnen, vindt u niet? En om het af te krijgen, fantastisch! Over een jaar of drie of vier of zo hebben we een heel groot feest.