pagina 13 najaar 2010

9 N A J A A R 2 0 10 m rnr Twickel van de firma uit 1935. Nader beschouwd lijkt echter uitgesloten dat Begeer het harnas zelf heeft vervaardigd omdat hem de kennis en kunde voor een dergelijk meesterwerk simpelweg ontbrak. Het is waarschijnlijker dat het harnas bij een gespecialiseerd bedrijf in Oostenrijk of Duitsland is vervaardigd en dat Begeer het enkel geleverd heeft. Mythevorming Het recente onderzoek naar de herkomst van het harnas leverde nog een andere interessante verrassing op. De curatoren van het Kunst Historisch Museum in Wenen schrijven het harnas – anders dan in 1881 – niet toe aan Matthias van Oostenrijk, maar aan koning Henri III van Frankrijk (1551- 1589). Er blijkt een tekening te zijn waarop Henri III met het harnas pronkt. Met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid is Rodolphe van Heeckeren dus met de ver- keerde uitrusting als Aartshertog Matthias binnengehaald! Tijdens de feestelijke intocht door Utrecht heeft Rodolphe als Matthias uiteraard zijn harnas gedragen, maar het lustrum kende veel meer festiviteiten. Voor het bal en de recepties liet Rodolphe drie verschillende kostuums maken bij Faignaert in Brussel. Deze firma vervaardigde de kleding voor alle deelnemers aan de optocht. In de archieven van het USC zijn de rekeningen van Faignaert bewaard gebleven, zodat vastgesteld kan worden dat deze pakken zo fl 300,- (2800 euro) gulden per stuk hebben gekost. Helaas is in Utrecht noch op Twickel iets terug te vinden over de precieze kosten van de pakken van Rodolphe. Ook over de kosten van het harnas geven de archieven niets prijs. Het vergulde harnas is al sinds lang onderwerp van mythevorming. Zo zou Van Heeckeren twee boerderijen hebben verkocht om het te kunnen bekostigen. De werkelijkheid lijkt toch wel anders te zijn geweest. Ro ­ dolphe had na het overlijden van zijn vader een groot deel van het familievermogen geerfd. Uit de rekening en verantwoording van zijn voogd Brantsen blijkt dat hij in 1881 een eigen vermogen van 5,2 miljoen gulden (50 miljoen euro) had. De enige indicatie van de uitgaven aan het lustrum zijn de hoge sommen contant geld die Rodolphe in het voorjaar van 1881 heeft opgenomen. Het bedrag van fl 8.500,- komt overeen met 80.000 euro. Een fenomenaal J A A R G A N bedrag, maar geen uitgave die Rodolphe in zijn beurs voelde. Van verkoop van boerde ­ rijen is in de archieven van Twickel dan ook niets te vinden. Costumens Met deze wetenschap keren we terug naar de intocht in 1881: "Stipt ten 3 are begon de tocht. Triumhelycke noemde men hem in 1578 – daarvan go/ze nut geen indruk, wel van pracht en weelde. In woorden daarvan een denkbeeld te geven goat niet", berichtte het Amsterdams Weekblad. "Het zou een opeenstapeling worden van moot, fraai, prachtig, enz. enz., dat voor den lezer toch niets helpt. Cedurende den tocht ontving Matthias fraaie kranzen en boeketten en de studenten menigen drank. Toen zij afgestegen waren bleek dan ook de zadelvastheid op het paard gebleven te zijn. (…) Woens- dag had de receptie bij den aarts ­ hertog plaats met matinee musi- cale; avonds concert en bal. Donderdag matinee musicale; avonds concert der Guides en bal. Alle groote dagbladen hebben reporters, zelfs de Daily-News en Figaro; daarom acht ik het onnoodig in kroniekvorm alles nog eens in uw weekblad te herhalen. Enkele opmerkingen slechts. Wat een pracht van costumens betreft staat ditfeest boven alle vroegeren; dit was niet alleen bij de maskerade het geval maar ook op de concerten. Daar verschijnen vele studenten weer in geheel nieuwe costumen, waarbij Matthias de troon spant. Op iedere matinee en ieder soiree verschijnt hij in een ander costuum, het een alfraaier dan het ander.” Na afloop van het lustrum vonden het harnas, de balkostuums en de andere attributen een plek op kasteel Twickel. Daarna zijn ze een enkele keer voor belangstellenden te zien ge ­ weest. Binnenkort verschijnt in kleine oplage een boekje met meer (historisch) beeld- materiaal van het harnas en de maskerade- pakken op Twickel. Belangstellenden kunnen een email sturen naarjtenberg@planet.nl. Johan ten Berg (Oud-bestuurslid van de Stichting Archieven van het Utrechtsch Studenten Corps). Met dank aan Madelief Hohe (Gemeentemuseum Den Haag), familie Engbers. y Het blauwe avondkostuum anno 2010. Foto: Gemeentemuseum Den Haag.