pagina 13 lente 1996

Noordtoren van het kasteel en het Engelse uiterlijk van de Parkhut doen vermoeden, dat architect Robert Hesketh bemoeienis met het ontwerp heeft gehad. Hesketh heeft in de periode 1845-1851 de Noordtoren gebouwd en verbou- wingen uitgevoerd in de rest van het kasteel. In 1867 ont- wierp hij de toren van de oude rentmeesterij aan de Hengelosestraat. Ook het jagershuis Casa Nova, waarin Engelse invloed aanwezig is, stamt uit circa 1870. In 1937 is de Parkhut intern verbouwd: de schouw is verplaatst, en er is een grote woonkamer gemaakt met een slaapkamer en een keuken. Bewoners Helaas is niet bekend wie de bewoners waren voor 1880, wel is er een verhaal over de opzichter Flinkers. Volgens de overlevering had Flinkers in afwezigheid van de baron een paar dagen vakantie genomen, wat in die tijd zeer ongebruikelijk was. Toen de baron on verwacht terug- kwam, was deze hier niet over te spreken. Flinkers moest voor straf in de Parkhut wonen. Zo kon de baron hem goed in de gaten houden. Zeker is in elk geval dat Flinkers de Parkhut gratis heeft bewoond. Hij werd opgevolgd doordefamilieTerBoo,die rond 1920 het huis bewoonde.Van twee kinderen, die er zijn geboren werd de een in Stad Delden geboren en de ander in Ambt Delden. De gemeentegrens liep namelijk dwars door het huis. De barones heeft de Parkhut gebruikt als theehuisje. Van 1976 tot 1981 is het huis in gebruik geweest bij de familie Soetendal. Voorbereiding restauratie Na het verlenen van de vergunning doorde gemeente en de Rijksdienst Monumentenzorg is in augustus 1995 begonnen met de restauratie. Twintig pallets zandstenen bestrating zijn verwijderd, genummerd en opgeslagen. Het plafond is gesloopt en afgevoerd, evenals alle vloeren. De muren zijn afgebikt. Resultaat: vier containers met in totaal achttien ton puin. Er bleek nog een kelder te zijn, weliswaar volgestort, maar nog gaaf, met twee koekoeken (vossengaten). Binnen en buiten is het zand ontgraven tot op een diepte van tachtig cm. Zo’n vijfenvijftig m3 zand kwam emit, waarvan iets minder dan de helft met de hand ontgraven; de rest met een minikraam. Het oorspronkelijke „huisje van Maas” was tachtig cm. diep gefundeerd op geel zand. Alleen de achtergevel stond op zwarte grond. Deze was dan ook flink verzakt. De uit- breiding van rond 1870 was op de gedempte gracht gefun ­ deerd, op zo’n veertig cm. diepte, net als de aanbouwtjes. Deze aanbouwtjes zijn steen voor steen gedemonteerd en opgeslagen. Fundering Door de verschillende diepten en funderingen en de soorten grond waren er grote verzakkingen en scheuren in het metselwerk gekomen. Enigste oplossing was dan ook om een grote funderingsstrook van beton onder alle muren te maken. Om dit te realiseren zijn alle muren op poeren gezet, waama de funderingsstrook is gestort, en het metselwerk is aangevuld. Een bijzondere klus: de Parkhut stond hele- maal op poeren! Voor het aanvullen van de fundering met zand is er een goede drainage aangelegd die bij de regelmatig hoge grondwaterstand het water afvoert naar de gracht. Binnen zijn nieuwe betonvloeren gestort. rchiefTwickel. De Parkhut is op poeren gezet. Foto: L. Vrij.