pagina 12 winter 1995

Hoogbejaarde oranjebomen zijn uniek in Europa Citruscollectie van Twickel ondergebracht in Gedecentraliseerde Nationale Plantencollectie Het land waar de citroenen bloeien, en waar in het donkere loof de oranjeappeltjes gloeien? Wie kent niet de Twickelse oranjeboompjes? Deze collectie omvat vele zeer oude exem- plaren die in cultuurhistorisch opzicht bijzonder belangrijk zijn. De Stichting Nederlandse Plantentuinen (SNP), die zich beijvert om waardevol genetisch materiaal te inventariseren en te behouden heeft daarom besloten de Twickel collectie op te nemen in de Gedecentraliseerde Nationale Planten ­ collectie (GNP). Ter gelegenheid daarvan bracht prof dr K. Verhoeff, de voorzitter van deze stichting, op 28 September van dit jaar een plaquette aan bij de ingang van de tuinen. Aafke Brunt Jan Bengevoord Het opnemen van de citruscollectie van Twickel in de GNP was een feestelijke gebeurtenis, waarbij de genodig- den heel toepasselijk een glas champagne met daarin een kleine citrusvrucht van Twickel dronken. In de theeschen- kerij in de Oranjerie werd, voor de citrusplanten dit najaar naar binnen gingen, het belang van de eeuwenoude citrus ­ collectie nog eens benadrukt. Volgens professor Verhoeff is de collectie uniek voor het vasteland van West-Europa. “Het gaat vooral om de totale collectie die heel bijzonder is voor Nederland en misschien wel voor heel Europa. Er bestaan maar weinig collecties die zo omvangrijk en zo oud zijn”. Graaf Christian zu Castell Riidenhausen was zeer in zijn nopjes met de opname van de collectie. “Het levert Twickel natuurlijk extra publiciteit op. Dat kan leiden tot extra bezoekers. Daamaast betekent de samenwerking met de stichting ook dat wij een beroep kunnen doen op hun kennis ten behoeve van het behoud van de collectie. Daarbij gaat het onder meer om hulp bij de verjonging van de planten, want de citrusplanten hebben natuurlijk niet het eeuwige leven”. Plantencollecties De SNP is een overkoepelend orgaan met als kerndoel- stelling het samenbrengen van kwalitatief goede planten ­ collecties tot een nationale plantencollectie, waarbij de plantencollecties zelf in de desbetreffende tuinen blijven. De collectie (de GNP) is samengesteld uit 110 verzame- lingen uit 18 aangesloten tuinen en botanische afdelingen, die elk een eigen karakter en specialisatie hebben. Tot deze tuinen behoren niet alleen oude, bekende tui ­ nen zoals de Hortus Botanicus in Amsterdam en de Hortus in Leiden, maar ook de botanische afdelingen van Burger’s Dierenpark en de Diergaarde Blijdorp, het arbo ­ retum Poort-Bulten in De Lutte en sinds 28 September ook Twickel. De GNP kent twee secties: de sectie „wilde plan- ten collecties” en de sectie „cultivar collecties”. Momenteel zijn er in Nederland meer dan 44.000 plan- tensoorten. De beheerders van tuinen spelen een grote rol bij het in stand houden van deze diversiteit. Door uitwisse- ling van kennis kan men nagaan welke plantensoorten of vegetaties bedreigd zijn en waar zich de restpopulaties bevinden. Men overlegt met elkaar over de beste metho- den van vermeerdering, opkweek en het terugplaatsen van planten in de natuur. Aankoop in 1798 Hoewel Twickel in ieder geval in 1760 al een oranjerie had, komt de eerste vermelding van oranjebomen pas voor