pagina 12 voorjaar 2009

pels heeft geplukt? Ik ben lid van het Cilde van Tuinbazen. Afgelopen zomer had ik zestig collega’s op bezoek, maar niemand kon zich een mooiere werkplek voorstellen. Vaak is op landgoederen de moestuin ver- vallen, of de oranjerie tot kantoor omge- bouwd maar hier gelukkig niet.” “In 1991 ben ik tuinbaas geworden. Dan zit je minder met de handen in de grond maar ben je meer bezig met overleggen en coor- dineren. Ik stuurdrie eigen hoveniers aan en twee hoveniers die namens de PHB (Stichting Particuliere Historische Buiten- plaatsen) hier werken. En er worden men- sen voor speciale taken ingehuurd. In to- taal steken we 13.000 manuren per jaar in de tuin. Daarnaast zijn er 40 a 45 vrijwilli- gers in het groen werkzaam. Varierend van het onkruid wieden, tot het geven van wa ­ ter aan planten. Ik doe zelf veel projectbe- geleidingen, maak begrotingen en heb be- plantingsplannen voor onder meer de rotstuin en de formele tuin gemaakt. De inspiratie daarvoor heb ik onder meer op- gedaan tijdens studiereizen naar Engeland en Frankrijk. Prachtig om mee te maken.” “Het mooie van Twickel is dat er altijd wel wat nieuws ontwikkeld wordt. Ik heb de re- novatie van het koetshuis en de oranjerie meegemaakt en recent natuurlijk de reno- vatie van de tuin. Dat heeft ontzettend veel extra energie gekost, dat was een mega ­ project. Maar het resultaat vind ik echt ge- weldig. Het is een goede zet geweest om een professioneel landschapsarchitect in te huren. Ik heb bewondering voor Micha ­ el van Cessel. Zoals hij ruimte in het park heeft gecreeerd is echt fantastisch. Hij ver- staat de kunst van het weglaten. Ik heb zijn filosofie om meer ruimte toe laten zelfs in mijn eigen tuin toegepast." In “hart en nieren” tuinbaas Hans Hondebrink is sinds 1976 werkzaam op Twickel. Voor een hovenier is er volgens hem geen mooiere werkplek. “Het is die enorme veelzijdigheid die het aantrekkelijk maakt.” “Mijn opa en mijn vader waren vroeger ho ­ venier, maar zelf wilde ik in eerste instantie piloot worden. Die opleiding bleek wel erg zwaar te zijn. Ik heb vervolgens korte tijd een opleiding als timmerman gevolgd maar het werken tussen machines was niks voor mij. Ik ben overgestapt naar het Agrarisch Opleidings Centrum in Enschede, met de hoveniersopleiding als specialisatie. Van daaruit heb ik onder meer stage gelopen op Twickel. Ik ging na mijn opleiding werken bij een tuincentrum maar toen meneer Brunt, de vroegere rentmeester, mij belde of ik als hovenier in Twickel wilde werken, hoefde ik niet lang na te denken". “Het is de veelzijdigheid die mij in Twickel aanspreekt. Onderhoud, snoeiwerk, beplan- ting; met het veranderen van de seizoenen veranderen de werkzaamheden. Wie kan melden dat hij vijf manden met sinaasap- Tuinlieden aan het werk bij de oranjerie.