pagina 11 najaar 2008

J A A R G A N G 7 NAJAAR 2008 ■®r Twickel Baksteenfabricage longs de rivieren “Denkend aan Holland zie ik brede rivieren traag door oneindig laagland gaan". Deze eerste vier regels van de dichter en prozaschrijver Hendrik Marsman (1899-1940) zijn wereldberoemd gewor- den en hebben tot op de dag van vandaag aan betekenis niets verloren. Marsman zal ongetwijfeld bij het schrijven oog in oog hebben gestaan met de talloze steen- fabrieken en de ‘stem van het water met zijn eeuwige rampen’ hebben gehoord. Van de honderden steenfabrieken langs deze ‘brede rivieren’ zijn er niet veel meer over. Het gros sneuvelde als gevolg van saneringen in deze bedrijfstak. De over- gebleven rui vormen nu een spook- achtig beeld in het rivierenlandschap. Het stroomgebied van de Hollandse IJssel, Oude Rijn en Vecht was reeds in de Middeleeuwen bekend om zijn bloei- ende baksteenfabricage. De verschuiving vanuit het westen van Nederland naar het gebied van de grote rivieren begon reeds voordat de regule- ring van die rivieren systematisch ter hand werd genomen. De vestigingsvoorwaarden in het nieuwe gebied waren uiterst gunstig, doordat de uiterwaardenklei niet alleen eenvoudig was af te tichelen, maar vooral door de omstandigheid dat ze van uitstekende kwaliteit was, met name voor het bakken van straatstenen. Klei bestaat uit zeer fijn zand, kleimine- ralen, metaaloxiden, plantenresten en kalk. Als er veel ijzeroxide in de klei zit, wordt de baksteen bij het bakken rood. De baksteen wordt echter geel wanneer de klei veel kalk bevat. In tegenstelling tot het rivierengebied en de polders gebeurde het aftichelen in Nederland 00k op de hoge gronden, zoals in Twente, de Achterhoek, Noord-Brabant en Limburg. Illustratief in dit verband is Museum Steenfabriek ‘De Werklust’ in Losser. De klei kwam hier ongeveer 130.000 jaar geleden (in de den na laatste ijstijd) samen met het Steenfabriek Losser. Na museum. landijs vanuit Scandinavie en zette zich af met een dikte van 20 tot 25 meter. Het afgraven van de klei geschiedde met een excavateur (baggermachine). In 1999 is het totale complex aangewezen als rijksmonument. Het aftichelen in het rivierengebied gebeurt nu meestal met een dragline/shovel, zo 00k in de Kleine Gelderse Waard. In de directe omgeving van Zevenaar bevindt zich de ‘Panoven’ uit 1880, waarin nu het Baksteen- en Dakpannenmuseum is gevestigd. In 1982 werd het vuur in de ronde zigzagoven gedoofd als gevolg van de economische malaise in de bouw. De oven is de laatste van zijn soort in West- Europa en is een Industrieel Monument in ‘optima forma’. Helmig Kleerebezem