pagina 10 winter 1999

In 1841 kocht J.D.C. van Heeckeren van Txvickel in Den Haag een tweetal schilderijen van de kunsthandelaar A.A. Weimar. HuisarchiefTwickel, inv.nr. 1229. Foto: J. Mulder. Wandeling in het Louvre op 8 februari 1838 Dit hele gebouw, althans de eerste etage en ook de gale- rij op de benedenverdieping, is nu museum geworden en elke dag van de week geopend voor bezoekers van allerlei rang en stand, wat er toe leidt dat men er in dit seizoen even veel zwervers tegenkomt die zich komen warmen bij de uit- stekende kachels, als echte kenners van kunst en weten- schappen. Vanaf de Tuilerieen komt men op de binnenplaats en vandaar in het gewelf onder de zuilengalerij. Men loopt eerst door een galerij met modellen van gips, die te koop zijn, waama men een trap neemt op de hoek van het gebouw. Links afslaand begint men met de verzameling Spaanse schilderijen die kort geleden in Spanje zijn aange- kocht door een man die er, naar ik gehoord heb, slechts drie of vier maanden geweest is. Ik weet niet of hij goed gekozen heeft, maar het is zeker niet de hoeveelheid waar wat op aan te merken valt, want er zijn kamers vol met Murillo en drie of vier andere Spaan ­ se schilders, wat niet nalaat enige twijfel te zaaien over de herkomst van een zo grote hoeveelheid kunstwerken. Vooral de koppen van grijsaards en martelaren van Muril ­ lo zijn opmerkelijk mooi. Het schijnt dat Spaanse schilders een voorkeur hebben voor voorstellingen van het marte- laarschap, want men ziet er verschillende van die je je hoofd doen afwenden van afschuw. Aan het einde van deze lange aaneenschakeling van stukken die hangen in vertrekken met ramen zonder gor- dijnen die op deze schilderijen een zeer ongunstig licht werpen, bereikt men de slaapkamer en het kabinet van (koning) Henri IV, nog steeds aan de zijde van de zuilen ­ galerij maar met uitzicht op de binnenplaats, zoals in de vorige vertrekken. Het oude houtwerk is hersteld en ook de verhoging waar het bed van de koning stond. Dit alles moet erg luxueus zijn geweest, toen al het verguldsel nog nieuw was. Hieruit komend staat men voor een van de vier trap- pen die zich op de hoeken van het paleis bevinden, en gaat