pagina 10 herfst 1995

Bloemfestijn van herfsttinten in historisch decor „Paard en Bloem” in de monumentale paardeschuur bij kasteelboerderij In het eerste nummer van het T wickelblad van 1994 kwam de „kasteelboerderij” uitgebreid aan de orde. Bij dit artikel was onder meer een foto afgebeeld met de „paardeschuur” op de achtergrond tijdens het dorsen van de rogge. In het artikel wordt die schuur slechts terzijde genoemd. De foto is omst- reeks 1920 gemaakt, terwijl het bijgevoegde kaartje van de situatie in 1874 de paardeschuur niet toont. Het is intrigerend om toch wat meer informatie te achterhalen over bedoelde paardeschuur, mede omdat het gebouw enig lijkt in z’n soort en inmiddels van monumentale waarde is. H. Reynders In het huisarchief van Twickel is het stichtingsjaar van de paardeschuur (nog) niet precies te achterhalen. Een ont- werptekening van een boerderij in 1911 toont een paarde- stal naast andere stallen, zonder dat duidelijk is welke boerderij dat is. Een tekening uit 1926 geeft de huidige schuur weer met daarin 9 paardeboxen. Ook is er een onge- dateerde map (inv.nr. 5916) waarin de plattegrond van de Twickelboerderij met omgeving, waarop ook de paarde ­ schuur is afgebeeld. Op die plattegrond heeft de paarde ­ schuur afmetingen van 22,5 x 14 meter. Uit deze tekenin- gen is geen datering af te leiden. H.J. Willemsen leidt een „zware” voor de paardeschuur. Foto: M.A.M.A. van Heeckeren van Wassenaer, ca. 1940. De expositie Paard-en-Bloem wordt georgani- seerd in de paardeschuur van Twickel. De manifesta ­ ble vindt plaats van 5 t/m 10 oktober a.s. De opening- stijden lopen van 10.00 -18.00 uur; de kassa sluit om 18.00 uur. De entreeprijs voorpersonen vanaf 12 jaar bedraagt f 5,—. Tijdens de tentoonstelling zijn ook de tuinen van Twickel geopend. De paardeschuur zal worden omgetoverd in een bloemenfestijn, waarbij het thema „paard” vanuit verschillende invalshoeken zal worden omlijst met uitbundige bloem-arrangementen. De bloembinders van Oost Nederland, een van de participanten in de stichting „Tilia”, zullen garant staan voor een herfst- tooi-expositie, waar Stad en Ambt eer mee zullen inleggen. Een bezoek aan de manifestabe geeft tevens de kans om de monumentale paardeschuur te bezichtigen. IJzerwerk Uit de rentmeestersrekeningen blijkt dat de ijzeren hek- ken om het kasteelpark en om een aantal weilanden gele- verd zijn in 1888 tot 1892. De leverancier, de firma Bayliss, Jones en Bayliss, levert in 1892 ook een aantal ijzeren poorten. Foto’s tijdens het plaatsen van die hekken om het park tonen aan dat de paardeschuur er tegenover toen nog niet aanwezig was, altans de oude werkplaatsen bevonden zich toen nog binnen de omheining van het park. De paardeschuur zal dus na die tijd zijn gebouwd. De noteringen in de rekeningen geven aanleiding tot enige verwarring, want er is wel sprake van kosten van ste nen paardestallen in 1892. Dat slaat bijna zeker op de stal ­ len in het zuidelijke bouwhuis, want er is sprake van de stallen op de „plaats” (het kasteelplein). Die opmerking is weer vermeld bij de transportkosten vanuit Rotterdam van materialen voor de paardestal. Dat wordt nog duidelijker als ook in 1892 geschreven wordt over geleverde materia ­ len voor de nieuwe inrichting van de „Paardestal” op de plaats door de St. Pancreas Iron Work Comp, te Londen. Paarden De aangifte voor de personele belasting in de jaren 1894 tot 1900 maakt melding van „paarden van weelde”, onge- twijfeld doelende op rijpaarden. In die categorie worden wisselend 8 tot 10 paarden opgegeven (in 1900 voor het eerst ook twee rijwielen). In die aangiften is geen sprake van werkpaarden en evenmin wordt onderscheid gemaakt tussen tuig- en rijpaarden. In 1896 maakte wagenmaker Van den Barg onkosten voor de stal, maar ook dan laat de notulering ons in het ongewisse welke stal dat betreft. Uit het archief blijkt dat de plannen van landschapsar-